HomeDe uitwerking van het nieuwe art. 192 der grondwetPagina 41

JPEG (Deze pagina), 0.95 MB

TIFF (Deze pagina), 7.91 MB

PDF (Volledig document), 110.98 MB

l
39
te meer waar vele ouders, naar de meening van verschillende
leden der Commissie terecht, ernstige hygiënische bezwaren
hebben hun kinderen zoo vroeg naar school te sturen met het
oog op de groote kansen op besmetting op jongen leeftijd en
de ernstige gevolgen die elke besmetting dan heeft. Wel was
de Commissie eenstemmig van gevoelen, dat aan de lagere
school het recht moet worden toegekend die kinderen, die
een goeden gang van het onderwijs blijken te remmen, doordat
zij geen voorbereidend onderwijs hebben genoten, nog voor
, een jaar terug te zenden naar de voorbereidend­e school.
Q Zulk een jaar zou natuurlijk onder de leerverplichting vallen.
Q Een bepaling als deze zal ook ongetwijfeld praeventief het
bezoek der voorbereidende school zeer bevorderen, en dus
in dezelfde richting werken als een leerverplichting, zond·er
den dwang, die aan de laatste is verbonden.
Aan de lagere school, die dus met 7 jaar zal aanvangen,
en waarop ook geen kinderen, jonger dan 7 jaar, behooren
te worden toegelaten,1) wenscht de Commissie een 7­jarigen
l cursus te geven; het kan naar haar meening niet twijfelachtig
j zijn, dat het eigenlijke schoolonderwijs niet voor I4 jaar
ä behoort t·e eindigen. Aan de lagere school behoort zich dan
een verplicht vervolgonderwijs van 2 of 3 jaar aan te sluiten.
De inrichting van dit laatste bespreken wij in § 9.
4
Uit ·deze algemeene ind·eeling van het volksonderwijs vloeit
vanzelf de regeling van den leerplicht voort. Wij wenschen
de v·erplichting ·evenals thans te doen aanvangen met den
{ aanvang van het nieuwe schooljaar, nadat het kind den leef-
I tijd van zeven jaar heeft bereikt. In tegenstelling met thans
. kan echter, behoudens de uitz-ondering in noot 1) ge-
noemd, voor den leerplichtigen leeftijd de lagere school
` niet wor-den bezocht. Het kind behoort dan op de voorbe-
reidende school thuis. De leerplicht van de lagere school
eindigt, wanneer het kind zeven jaar leerling eener lagere
school is geweest en alle klassen daarvan heeft doorloopen
en in elk geval met het einde van het schooljaar, waarin
het kind den 16­jarigen leeftijd heeft bereikt.?) Daarna vangt
1) Het schijnt echter wenschelijk dat in bijzondere omstandigheden -
men denke aan een zich vroeg ontwikkelend kind dat den leeftijd van
7 jaren op enkele weken na heeft bereikt - uitzonderingen kunnen wor-
den toegelaten, bijv. door den schoolopziener.
2) Wanneer naar het oordeel der schoolvergadering het verder volgen
der lagere school voor den leerling onraadzaam moet worden geacht ­-
bijvoorbeeld omdat vervolgonderwijs waarbij handenarbeid overweegt, ge-
schikter voor hem moet worden geacht ­- behooren ook op dezen regel
[ uitzondering-en toelaatbaar te worden gemaakt.