HomeDe uitwerking van het nieuwe art. 192 der grondwetPagina 120

JPEG (Deze pagina), 942.33 KB

TIFF (Deze pagina), 7.90 MB

PDF (Volledig document), 110.98 MB

lb “
•,l‘
till. ‘
gif 118

en voor het nazien van een reeks becijferingen nu juist geen
heel of half universitaire opleiding behoeft genoten te hebben. f
jïjjï Op bedenkelijke wijze schijnt mij de nuchterheid zoek bij f
jrg, onze nieuwste schoolhervormers en daarom acht ik het drin­ jj
gend noodig, deze eenvoudige waarheden in herinnering te M
Q brengen. ·
jim In een ander verband zal ik straks nog hebben te betoogen,
dat het ideaal van uitsluitend geheel en gelijkbevoegde leer-
krachten op de lagere school niet behoeft nagestreefd te
ijïéf worden. Daarom zie ik ook' niet de wenschelijkheid - en
nog veel minder de noodzakelijkheid - in van één enkele
onderwijsbevoegdheid. De ,,lagere school" is een begrip, dat
tal van verschillende vormen in zich sluit. Waaronilop al die
sloten éénzelfde sleutel zou moeten passen, is niet in te zien.
ïifj Er is niet één, er zijn vele bevoegdheden noodig. De onder-
wijzeres, die op uitstekende wijze les geeft in d·e aanvangs­
klasse der volksschool, heeft heel niet noodig, bevoegd te
zijn om onderwijs te geven in eene der hoogere klassen van
een M. U. L. O.­school voor leerlingen van I5 a 16 jaar
of nog ouder. Men kan zich met alle gemak een onderwijzer
voorstellen, uitstekend geschikt voor de leerlingen eener ach-
Qrgï terlijke school, maar die op een school voor meerbegaafden,
met of zonder dien naam, niet op zijn plaats zou zijn. Nu heeft
alle onderwijsgeven iets, zelfs veel, gemeen, en zoo is het
alleszins te billijken, dat er een gemeenschappelijke basis
van studie ter voorbereiding voor allen gelegd wordt, indien t
slechts daarna de gelegenheid openstaat, meer speciale gaven
te ontwikkelen. ­
hij Dat de studie voor de tegenwoordige hoofdakte voor velen
ig moeilijkheden oplevert, behoeft niet ontkend te worden; j
trouwens met de voorstellen tot afschaffing der akte-examens §
voor onderwijzer en hoofdonderwijzer en de vervanging daar-
van door het jus promovendi der kweekscholen ga ik geheel l
ig; accoord. Er lijkt mij echter een regeling mogelijk, waarbij j
de onderwijzer, die in het bezit is der eerste akte, slechts j
halve dag·en behoeft school te houden, zoodat er tijd genoeg Q
overschiet, om te studeeren voor de hoogste bevoegdheid.
gfèf De studie voor speciale bevoegdheden: vreemde talen, wis-
kunde, handelskennis, teekenen, slöjd, zang en wat er nog
meer is, of komen mocht, kan, blijk·ens de ervaring, zonder p
groot bezwaar geschieden in den velen vrijen tijd, die den
onderwijzer toch bij iedere regeling zal overblijven. Men
Qi behoeft toch niet altijd vergaderingen bij te vvonen!'
jj; Nadere uitwerking van deze denkb·eelden kan hier niet

ll
lb I

jij

gt 2 {
ii W ,