HomeBrief van Zijne Excellentie den Minister van Marine, van den 14den september 1849, aan den Heer Voorzitter van de Tweede Kamer dPagina 19

JPEG (Deze pagina), 644.23 KB

TIFF (Deze pagina), 6.45 MB

PDF (Volledig document), 15.14 MB

l
1
17
schip geplaatst wordende, al dadelijk in eenen zekeren ­
rang optreedt.
In het voorbijgaan hier nog aangemerkt, dat ik het met
l den schrijver in het geheel niet eens ben, dat de Zeeut0»
.s·c/te Stroomeza beter voor kruistogten van het instructie-
vaartuig zouden zgn dan de Zuiderzee. De sterke stroo-
men, het naauwe vaarwater met de gevaarläke banken
en droogten, maken, dat daar altoos een deskundig Ofti~
eier, volgens loodsmans aanwüzing, zou moeten kommen-
deren; terwül men in de Zzu`r=Ze;·zee, waar weinig stroom
gaat, en weinig verval van water is, ieder Adelborst, ter
zijner leering, alle manoeuvres kan laten uitvoeren, die,
niet goed verrigt wordende, nimmer nadeelige gevolgen
hebben kunnen.
De besparingen, die op de Urania mogelük zgn, wil
j men dat nuttige vaartuig niet verliezen, waren reeds be-
paald vóór het uitkomen der brochure, doch zi_j zün uit
den aard der zaak gering, hoe hoog dan ook in de
brochure opgegeven.
d. Het detachement 1l2'ar·inie1·s.
Zonderlinger denkbeeld van bezuiniging kan er wel niet
aangegeven worden. De lllariniers zgn op eene bepaalde
sterkte, dat is 1,500 man, behalve de Ollicieren.
zijn geene milieiens, die men, wanneer men ze niet onder
de wapens noodig heeft, met stilstand van soldij naar
huis kan zenden. De grootste helft is voortdurend in O0si~
_ en West-Indie'geëmbarkeerd , de wederhelft wordt ter aflos-
” sing in reserve gehouden, en doet inmiddels dienst de
maritime etablissementen, ter bewaking en bewaring. Uit dat
niet geëmbarkeerde gedeelte is nu ook het detachement te
Medenzblik genomen; neemt men het van daar weg. zoo
moet men het op eene andere plaats betalen. zoodat het
letterlijk geen cent bezuinigt, en hier alleen selxünt ter
neder geschreven te zijn, om bij den met den staat van