HomeDe eerste steenPagina 17

JPEG (Deze pagina), 697.12 KB

TIFF (Deze pagina), 7.53 MB

PDF (Volledig document), 15.75 MB

o .. K)., .;w~m l gg . r G " ­ " . .. : . .-

15
allen de woorden behartigen, die wij wel als Opsehrift l
op iedere zijde van dien eersten steen wilden schrijven.
Laat mij ze U en mijzelven nog vóór wij scheiden doen
hooren. Om het even, of zij op den steen zelven, of op l1et
monument worden ingegrift, zij verdienen met eerbied ont­
vangen te worden; zij zijn aan het hoogste wetboek voor
vorsten en volken ontleend.
lk sta nog een oogenblik stil voor dien steen; wat op- · N
schrift zal de voorzijde dragen, die het Heden vertegen-
woordigen moet? Ik zoek vruchteloos een ander dan dit:
,,EBEN­HAEzEn, tot hiertoe heeft de Heer geholpen? G) `
Ja, Nederland is een volk verlost van den Heer; indien _
l iemand van ons het vergat, Oranje zou de eerste zijn
N om het zijn volk te binnen te roepen. Maar wat wij allen
weten, gelooven, belijden, verloren wij het niet al te vaak
uit het oog? Is daar geen noodlottige neiging in onzen tijd
om God uit de geschiedenis weg te nemen, en daardoor hare
draden tot een weefsel van willekeur en toeval te maken?
Wij niet alzoo, Feestgenooten, zoo wij althans eenigen prijs
op den naam van waarachtige wijzen, van Nederlanders,
van Christenen stellen! De dankbare herdenking van Gods
weldadigheid, zij moet niet met de oprigting van dit gedenk-
teeken eindigen, maar met vernieuwde kracht aanvangen en .
gedurig voortgezet worden! Ons Monument moet iets anders
dan een Mausoleum op het graf der voorvaderlijke gods-
dienstigheid zijn; de steenen hebben geen stem te doen

(‘*’) l Sum. 7 vs. 12.
G l
1
4
i