HomeNederland, in deze eeuw van vooruitgang onderworpen aan stelselloosheid, aan bekrompenheid van inzigten en aan het toevalPagina 22

JPEG (Deze pagina), 638.95 KB

TIFF (Deze pagina), 6.44 MB

PDF (Volledig document), 46.14 MB

­­--­--­-··- I
' I

I
I
I
I
i
­­· 20 -­
tering voor alsnog hopeloos is, namelijk, dat er bi_j de regering I
óf geen stelsel bestaat, óf dat zoo er een stelsel aanwezig
is, de regering sehroomt het voor te dragen, wegens den
tegenzin, dien de volksvertegenwoordiging telken reize be- I
toont tegen het toestaan van middelen, die voor het krijgs- j
I wezen worden aangevraagd. Stelselloosheid is bij ieder han- l
delend wezen eene kiem tot gebrekkige handelingen en is r
bij eene regering zeker de grootste feil, waaraan zij zich
kan schuldig maken, want bij haar wordt daarmede hetge-
brekkige dat bestaat nooit verbeterd, integendeel wordt daar-
, mede zelfs door het aanwenden van middelen die op zich
I zelf goed zijn, wegens gemis aan verband met het geheel,
het gebrekkige telkens vernieuwd en uitgebreid. Vooral in
het krijgswezen, dat geheel op stelselmatigheid berust, is
het onbegrijpelijk en tevens onvergeeflijk dat men niet tot
handelen naar een vast stelsel overgaat.
Het zou te veel gewaagd zijn, hier in het midden te
brengen, welk stelsel behoort aangenomen te worden. Een
schat van kennis en een leven van studie in krijgs- en _
waterbouwkundige aangelegenheid behoort er toe, om dien-
I aangaande een oordeel te kunnen vellen, terwijl men door
j de geheel van elkander afwijkende beschouwingen, die daar-
I omtrent bestaan, als het ware geslingerd wordt In deze -
I bladen zal uit dien hoofde, wat het krijgswezen betreft, zoo
I veel doenlijk slechts van algemeen erkende waarheden ge-
bruik gemaakt worden. _
, Als eene erkende waarheid, noemen wij de middelen ter
*) ZI/en mrgelfjke de Heee wer/een die bgfna gcZ§jktQ'd2:q zgïrz w`t_r;e_qere2z:
Is Nederland nog te rcrcleclzyea? van een oud Soldaat, 1849.
Over de 'Z‘87'(ZCfl!:(]?'Tlg der Zmzdyreizzeiz van den Smal, ens., door W. A,.
f moeren. 1849.
I
i