HomeEenige beschouwingen over spoorwegenPagina 8

JPEG (Deze pagina), 591.48 KB

TIFF (Deze pagina), 5.73 MB

PDF (Volledig document), 13.83 MB

ë
E
met 20 millioen. Zijne koloniën leveren g der kofüj , die
door alle landen te zamen geleverd wordt; natuurlijk is het
grootste gedeelte daarvan voor den uitvoer bestemd. Zoo is j
het met meer koloniale artikelen, welke België op verre na in g
die mate niet uitvoert, rijst,·suiker, enz. Zie daar ééne reden, i
N waarom in Nederland de internationale beweging betrekke- _
1 lijker grooter kan zijn.
Dat echter desniettegenstaande het goederenvervoer nooit W
als in mijnlanden over honderdduizenden en millioenen tonnen
kan loopen, brengt den aard dier artikelen mede, die natuurlijk
betrekkelijk duur zijn, anders konden ze de vracht uit andere
werelddeelen niet verdragen. Zoo loopt werkelijk de uitvoer
van kofüj, slechts over 60,000 tonnen; een zeer klein cijfer, ï
wanneer het tegen over de mill.ioenen tonnen steenkolen van
t België wordt gezet. De goede zijde der koloniale artikelen T
is echter deze, dat ze in den hoogst betalende klasse van
koopwaren komen, en, over groote lengten vervoerd, een
betere winst geven, dan de transporten op kleine afstanden
geven kunnen.
De vergelijking met België gaat dus niet op. Digter bij _
de waarheid zal men komen, door die gedeelten van Noord- i
Duitschland met Nederland te vergelijken, die daarmede wat j
terreingesteldheid, concurrentie der kust- en kanaalvaart,
overzeeschen handel, aard van den bodem, veel overeenkomst
hebben. Ook dan zullen er nog punten van verschil voor-
komen; maar de vergelijking toch niet zóó verre van de
waarheid zich verwijderen, als met België het geval is.
E
ii