HomeGodsdienst en zedelijk levenPagina 38

JPEG (Deze pagina), 579.62 KB

TIFF (Deze pagina), 5.43 MB

PDF (Volledig document), 30.54 MB

wm.? y wwv *7.. fm. .. i, Y .~«
er
. 30 l
, _ _ li
betrekking met den staat stelde, waartoe ook handhaving
van den godsdienst behoorde; daar: vervulling van de eischen,
die de betrekking met Jahwe stelde, waarmee ook geheel
het volksbelang gemoeid was. Bij beiden godsdienst en zede-
, lijk leven met elkander verbonden, maar bij den Griek
middellijk door den staat, en dus alleen in grondslag, bij den
Israëliet onmiddellijk, en dus volledig. Bij dezen de gods-
fl l dienst geheel op den voorgrond, bij genen de staat.
l Jahwe wilde onder zijn volk geen andere goden voor zijn ‘
l aangezicht hebben: de Grieksche staat wilde geen nieuwe
goden in plaats van de volksgodheid geëerd hebben. De
[ Israëliet van Mozaïschen geest hield zich ook aan zijnen
I God alleen; maar anderen rekenden zich verplicht, in Kanaän
l` ook oude Kanaänietischen goden te eeren, ook goden van
j omliggende volken, met wie Israël in betrekking stond.
E, Hierbij speelde blijkbaar hetzelfde rechtsgevoel eene rol, dat
" wij reeds bij de Tonganers aantreffen: - Tylor zou het
misschien een »survival" noemen. Voor de bewustheid dezer
Israëlieten hadden die goden recht op de hulde van Jahwe’s
, volk, al stonden zij niet met Jahwe gelijk. In dit opzicht
is opmerkelijk wat wij J er. XLIV: 17, 18, lezen. Toen de
V profeet het volk wees op de rampen, die ten gevolge van
, ontrouw aan Jahwc het vaderland hadden getroffen, ontving ­
i hij ten antwoord: << Wij zullen rooken ter eere van de ko-
I ningin des hemels en plengoffers voor haar plengen, gelijk
wij gedaan hebben en onze vaderen, onze koningen en onze
vorsten, in de steden van Juda en de straten van Jeruzalem;
i