HomeGodsdienst en zedelijk levenPagina 35

JPEG (Deze pagina), 546.01 KB

TIFF (Deze pagina), 5.49 MB

PDF (Volledig document), 30.54 MB

27 4
3 steun te ontleenen voor den kring, waartoe hij behoorde
1 (ordale).
Bij de samenleving van stamgenooten is het, in de ge-
schiedenis der menschheid, niet gebleven. Stammen hebben
L zich vereenigd tot een volk, d. i. tot eene gemeenschap, die
zich onder de macht van een leidend beginsel stelde. Dit
J ï beginsel leidde niet algemeen in dezelfde richting. Aanleg,
ras, klimaat, bodem, omgeving, overlevering, lotgevallen, en
` A wat maar op de innerlijke vorming van eenig volk invloed
b Q kan uitoefenen, deden zich hier gelden. Dat hiermede velerlei
i schakeering in de onderlinge verhouding van godsdienst en
zedelijk leven samenhing, laat zich reeds bij voorraad be-
I grijpen. Deze schakeeringen, bij het licht van geloofwaardige
bescheiden, na te gaan, is een arbeid die zeker de moeite I
loonen zal. Ik voor 1nij moet er van afzien. Ook acht ik
voor mijn doel voldoende, op een paar volken der oudheid i
te wijzen, die ons, bij de overige vergeleken, het meest
bekend zijn, en in eigenaardigheid genoeg van elkander
verschilden, om de bedoelde schakeering in hare sterkste
verscheidenheid te doen uitkomen. Het zijn: onder de Indo-
Germanen de Grieken, onder de Semieten de Israëlie- J
ten -- beiden in tweeërlei richting de voornaamste verte- l
, _ genwoordigers van de oude beschaving. Zooveel beteekenden
zij niet terstond; langzamerhand hebben zij die hoogte
l

l