HomeSpaarbankenPagina 10

JPEG (Deze pagina), 808.01 KB

TIFF (Deze pagina), 7.77 MB

PDF (Volledig document), 13.16 MB

. r a
<
i j in
r in het vak toelaat of er op den duur in doe blijven), om dat beheer op
te dragen aan de ambtenaren der posterijen, die, de uitzonderingen daar-
gelaten, niet overladen zijn met werk, vooral niet met werk dat be-
paald tot hunne ambtspligten behoort en voor welke, als mede over
het algemeen waarlijk niet te rijkelijk bezoldigd, eene kleine vermeer­ r
dering van inkomsten niet onwelkom zoude zijn. t
Het aanstaande examen bij dat vak levert meerdere waarborgen op, voor
de geschikt- en bekwaamheid dier ambtenaren, dan men tot dusverre i
had, en is er dus geene reden denkbaar, waarom hun ook in Nederland
dergelijke taak niet zoude kunnen worden opgedragen.
Wij zien veel bezwaar in de bepaling in Engeland gemaakt, dat ï
men de gelden, waar ook ingebragt, overal kan terug ontvangen, wij
wenschen alleen bij verandering van woonplaats, af- en overschrijving
te zien toegelaten en voorts de ambtenaren met de zaak belast, te
hebben voorgeschreven, om bij tijdelijke afwezigheid van het vaste
verblijf door de deelnemers, hunne tusschenkomst in de overma-
king van gelden bereidwillig te verleenen. Eene dubbele boekhouding,
het eene kantoor wederkeerig voor het andere of voor een zeker getal
kantoren tegelijk, is niet alleen wenschelijk maar schijnt onvermijdelijk. (tt)
De brievengaarders en bushouders zouden geschikte ondeivagenten
,-. wezen; zij zouden met de overbrenging van gelden en meerdere bezig-
heden, te dier zake dienstig, kunnen worden belast.
Het spreekt wel van zelf, al zij het ook zeer wenschelijk dat de
gelegenheid tot het beleggen van spaarpenningen op de incest mogelijke
. plaatsen worde aangeboden, dat het zaak is, slechts op enkele plaatsen
` eene proef te nemen en de gelegenheid voordurend uit te breiden,
{ naarmate de instelling zich in meerderen bijval mag verheugen. `
Wie is er, die geen voorbeeld kent, dat personen of kantoren, als i
j het meest solide erkend, plotseling bleken in het geheel niet of slechts
gedeeltelijk aan hunne op zich genomene verpligtingen te kunnen voldoen,
zoodat ook door den minder vermogende, die er zijne zuur verdiende
spaarpenningen had gebragt, schade geleden werd; wie herinnert zich
E ook niet de voor de Spaarbanken zoo noodlottige jaren 1830 en 1848,
waarin vele dier inrigtingen slechts ten deele of eerst na lang tijdsver-
loop aan hunne verbindtenissen hebben kunnen voldoen; ieder weldenkende
beklaagt den ongelukkige die door zulke voorvallen schade lijdt, doch de

(*) Het is zeer te betreuren, dat die in zaken van nog zooveel meer gewigt,
b. v. het hyp.­stelsel ontbreekt, en hoogstens te verwonderen, dat, wanneer dat
denkbeeld wordt geopperd, dan niets aantoont, dat het de belangstelling van
iemand heeft getrokken.
t