HomeDiplomatieke briefwisseling met betrekking tot den oorlog van 1914-1915Pagina 260

JPEG (Deze pagina), 632.01 KB

TIFF (Deze pagina), 3.60 MB

PDF (Volledig document), 139.55 MB

2 l ` lil i i
r a
K jj-; 256
rder weggevoerde rnachienen de som van l6.000.000
gxä frank.
p `? Verder, luidens een contract, gesloten tusschen
· ­de Koninklijke Feldzeugmeisterei van Berlijn en j
_ _ de vennootschap Sonnenthal junior va11 Keulen, j
j W stelt deze zich tot de beschikking der eerste om langs li
Y den snelsten weg naar de Duitsche fabrieken, waaraan è
ïï munitiebestellingen gedaan worden, de machienen, 2
welke in de bezette deelen van België en Frankrijk g
“= genomen werden, te verzenden. Zij nemen ook op ï
gj hare kosten het terugzenden, na den oorlog van deze
Belgische en Fransche machienen naar de fabrieken, ’
waartoe zij behooren, · i
De naamlooze vennootschap heeft het recht en
de verplichting met behulp van de kanonnengieterij
van Luik, vast te stellen, welke machienen kunnen
i dienen voor het vervaardigen van munitie, in de l
i fabrieken der bezette grondgebieden, en de inbeslag-
neming dezer machienen voor te stellen.
iii ; De Regeering van den Koning teekent met ver- i
ontvvaardiging protest aan tegen deze handelswijzen,
‘ welke in open strijd zijn met art. 33 van het Reglement jj
gevoegd bij de IVde Haagsche Conventie. De op-
ïonïinäng van arfä1ä33 is beperkend en laat noch dg
es ag egging, noc et vervoeren naar een ander an j
toe van nijverheidsmachienen, welke steeds moeten
. geëerbädigd worden als zij privaat eigendom zijn
igrjg art. 4 . F
, Iäekävegnáxming der machieàien is ooäzaámk van het
misu en er pogingen van e nijver ei om eene i
zekere bedrijvigheid in de fabrieken te onderhou-
den, dompelt in werkloosheid en hongersnood tal-
rijke vverklieden, en zal voor gevolg hebben de
[ ïf herleving van de nijverheid na den oorlog te beletten. _
ç i Eindelijk, ontkennen de Duitsche overheden even
i stelselmatig de bepalingen van art. 52 van het vermeld i
i reglement, luidens hetwelk opeischingen in natuur in j
3 j; geen grootere mate dan noodig van de gemeenten j
t lj pf de iiiwlonïïs voor de behoefte van het bezettings- l
M eger gesc 1e en mogen.
j jêg jg:
1 I j vg
êjiä Y
W rj