HomeDiplomatieke briefwisseling met betrekking tot den oorlog van 1914-1915Pagina 15

JPEG (Deze pagina), 490.05 KB

TIFF (Deze pagina), 3.54 MB

PDF (Volledig document), 139.55 MB

13
‘ N? 5.
ï De Gezant des Konings te Vee-
~ nen aan M. Davignon, Minister van
' Buitenlandsche Za.k_en.
‘ · WEENEN, den 25 juli 1914.
L Mijnheer de Minister,
L De toestand heeft plotseling een zeer ernstig
E karakter genomen. Men verwachte er zich natuurlijk
I aan, dat Oostenrijk-Hongarije weldra bij Servië
l zou aandringen. Doch de nota, den 23sten dezer
maand overhandigd door den vertegenwoordiger der
j Monarchie te Belgrado aan Dr. PACCIT, tnsschentijdig
? Minister van Buitenlandsche Zaken, stelt meer
Z uitvoerige vragen en zwaardere eischen dan ik had
‘ voorzien.
S De pers zegt hier eensgezind, dat de voorwaarden
E aan Servië gesteld, niet van aard zijn om dit land
I t in zijne eigenliefde en zijne nationale waardigheid
1 te treffen en het deze dus kan en moet aannemen.
F Maar dezelfde pers erkent nochtans hoe streng deze
voorwaarden zijn vermits zij maar eene zeer flauwe
hoop uitdrukt, dat de Regeering van Koning PETER
er zich zou aan onderwerpen. Zonder te spreken over
de vernederende verklaringen, die in het Staatsblad
moeten worden ingelascht en het dagorder aan het leger,
is er, bijvoorbeeld, paragraaf 5, die klaarblijkelijk eene
te groote bemoeiing in de zaken des lands zou daar-
stellen. Het ware Servië volledig onder de voogdij
stellen van de Monarchie.
Zeker zou eene weigering in internationaal opzicht ‘
de ergste gevolgen kunnen hebben. Zij zou een Euro-
peesch conflict kunnen veroorzaken en in econo-
misch oogpunt ontzaglijke verliezen kunnen berok­
kenen. Binnen weinige uren zal men de wijze kennen,
waarop Servië zal antwoorden, maar het is uiterst