HomeHet karakter van het oud-testamentische verhaalPagina 5

JPEG (Deze pagina), 835.53 KB

TIFF (Deze pagina), 7.75 MB

PDF (Volledig document), 33.33 MB

a
jj ,.·­ , W A W,
gg O .
{ 0 V ., J, Mar ï§*n‘¤¥~,L·¥ j§C··*;;‘M ' __
;\_` j T`,. ­ Y -r»r .­ Y '
Edelachtbare Heeren Bestuurderen van de stad
Amsterdam; l
W j Edelgrootachtbare Heeren Curatoren dezer
E Hoogeschool;
l Hooggeleerde Heeren Professoren;
Zeergeleerde Heeren Lectoren en Privaat
docenten;
Zeergeleerde Heeren Doctoren in de verschillende
wetenschappen;
Dames en Heeren Studenten;
en Gzj allen, die deze plechtigheid met Uwe
tegenwoordigheid vereert,
O Zeer geachte Toehoorderessen en -h0orders.
De vraag, waar wel de woonplaats mag zijn van de Wijsheid,
dien geheimzinnigen sleutel van de raadselen van leven en wereld,
heeft de oude volken veel bezig gehouden. De vorm, waarin zij
gesteld is, wijst al duidelijk de richting aan, waaruit het antwoord
4 verwacht moet worden, en het kan ons niet verwonderen, dat de
oplossingen, die de litteraturen van Egyptenaren en Babyloniërs,
van Grieken, Indiërs en Perzen ons van het probleem bewaard
· hebben, het zegel van de mythologie dragen. Het is de hooge
,Q, hemel of een ver afgelegen land of de dieptevan Onderwereld
of Oceaan, waar de zetel der Wijsheid gezocht wordt.
. · Maar ook als die mythologische ideeën al lang overwonnen en
uit het geloof der menschen verdwenen zijn, blijven haar sporen
‘ in beeldspraak of gelijkenis in de litteratuur achter - vage her-
`· innering aan wat eenmaal reëele voorstelling was. Ook in het
ë Oude Testament hebben wij zulke toespelingen. ,,Niet onbereik-
` ' baar en niet ver te zoeken is het gebod, dat ik U heden geef; niet
j in den hemel, zoodat gij zeggen zoudt: wie zal voor ons ten hemel
i stijgen; en niet aan de overzij van den Oceaan, zoodat gij zeggen
·; J