HomeHet karakter van het oud-testamentische verhaalPagina 13

JPEG (Deze pagina), 0.96 MB

TIFF (Deze pagina), 7.82 MB

PDF (Volledig document), 33.33 MB

l I ,
L
m` standige behandeling van de voorhanden gegevens. Bovendien
)C_ blijft de persoon van dien laatsten Redactor psychologisch altijd
Z3- zoo moeilijk te vatten. Hij wilde blijkbaar van al die kleinere
dé verzamelingen een eenheid maken. Had hij dan geen oog voor
al die tegenstrijdigheden, of hoe komt het anders, dat hij die
°s€ alle in zijn ééne werk heeft kunnen opnemen? En hoe komt het,
dat voor zoovele geslachten van menschen, die den Bijbel ijverig
gn lazen en bestudeerden, al die heterogene bouwstoffen tot een
p` eenheid in elkaar konden vloeien, voordat het scherpe licht uit
a` de critische lamp erop gericht werd? Van al zulke vragen moet
men zich wel degelijk rekenschap geven. ' e
fl Een beschouwing van het Oud­Testament1sche verhaal in
fe zijn 1itterair­historischen samenhang en in het grootere verband
‘­ van het geheele genre, vooral in de Semietische litteraturen, is
gl; voor dit alles van groot belang, en speciaal die soorten, die door
hun karakter van gewijde traditie met het Bijbelsche verhaal
a` verwant zijn, zal men daarbij in het oog moeten vatten.
t` In de eerste plaats moet dan aan ieder, die in die litteraturen
;1° thuis is, de groote plaats opvallen, die de vertelling daarin in-
6 neemt. Dat ligt niet alleen aan het groote aantal geschiedwerken,
t’ dat zij bevatten; het vindt ook niet uitsluitend zijn grond in de
al vreugde, die de Oosterling van ouds aan de vertelling als middel
in tot ontspanning heeft, waaraan wij die vele verzamelingen van
11 sprookjes en legenden danken, die b.v. de Arabische letterkunde
t` telt, maar het komt ook door de groote rol, die het verhaal als
3’ didactisch en paraenetisch middel bij de Oostersche volken had
m en nog heeft. Aan een zeker onvermogen tegenover het abstracte
ik en de behoefte aan aanschouwelijkheid komt het verhaal tege-
i- moet als middel om allerlei te leeren en allerlei vragen te be-
g antwoorden 1). Herinneringen uit het verleden moeten reeds
E in den Pentateuch telkens dienen als waarschuwend voorbeeld
voor de toekomst. ,,Bedenk, vergeet niet, hoe gij uw God ver-
H toornd hebt bij den IjIörëb" 2), en dan volgt een résumé van
B hetgeen toen en naderhand gebeurd is. In den Koran zijn de
` historische en quasi­historische verhalen van deze strekking
1) Ook. tegenwoordig nog. Vgl. Schmidt und Kahle, Volkserzählungen
aus Palästma, Gött. 1918. S. 36* ff.
2) Deut. 9. 7.

9