HomeHet karakter van het oud-testamentische verhaalPagina 10

JPEG (Deze pagina), 0.96 MB

TIFF (Deze pagina), 7.76 MB

PDF (Volledig document), 33.33 MB

F I .
8
ä M _f zegt Gunkel 1), en hij verlangt, dat alle vertellingen, ook die
l l van veraf wonende volken, die met de Israëlietische in eenig
ET opzicht overeenstemmen, verzameld en met deze vergeleken
worden. ,,Man wird dann die seltsamsten Verwandtschaften
l gewahren, andrerseits aber gerade an diesen Stoffen das Eigen- ,
r ë j tümliche des Israelitischen Geistes erst recht erkennen." Zelf
heeft hij in die richting gewerkt, o.a. met zijn boek over ,,das
Märchen im alten Testament"2), waarin hij de toespelingen
g op en de parallellen met van elders bekende ,,Märchenmotive", ä
die het Oude Testament bevat, systematisch behandelt. Kort V
daarna hebben wij het groote werk van Frazer gekregen over
lg ·`»·`» ïglï ,,Folk­lore in the Old Testament" 3), waarin die schrijver on-
telbare volkstradities uit alle deelen van de wereld met Oud- 9
Testamentische verhalen vergelijkt, en de laatste op grond van
ä g de eerste tracht te reconstrueeren. Zijn boek is een meesterwerk
van de ethnologische methode in de Oud­Testamentische we- ä
l tenschap. , j
Om evenwel die methode met vrucht te kunnen aanwenden
Y en aan den anderen kant aan het gevaar van generaliseeren en
l l nivelleeren, dat er in schuilen kan, te ontkomen, moet men nog
i eenige stappen verder gaan. Niet alleen het motief en de inhoud
van het verhaal, maar ook zijn vorm, zijn inkleeding en zijn i
strekking, dus het geheele verhaal als zoodanig, als symptoom ä;
ll al _ moet men, in ieder volk of iedere groep afzonderlijk, psycholo-
M . gisch doorgronden en systematisch-vergelijkend behandelen.
1 ä Voor het volledig begrijpen ervan is noodig niet alleen, dat wij
ons verdiepen in hetgeen beschreven wordt, maar ook in den
‘ ­ vorm, waarin dat gebeurt, en in de bedoelingen en het gedachte- j
, 9 leven van dengeen, die beschrijft.
‘· Daarvoor komt nu in ons geval behalve het materiaal, dat
wij in het Oude-Testament hebben, uit den aard der zaak ter
§ vergelijking voornamelijk in aanmerking het verhaal inde ver- ‘
wante Semietische litteraturen. De in veel opzichten eendere _i
E denk- en voorstellingswijze van de Semietische volken, wijst
ons van zelf dien weg. Het schijnt mij toe, dat de verklaring
1) Reden und Aufsätze. Gött., 1913. S. 37.
vl { 2) Zie boven blz. 4, aant. 1.
3) London 1919. _ i
1 fl