HomeStaatspensioneeringPagina 35

JPEG (Deze pagina), 1.18 MB

TIFF (Deze pagina), 8.24 MB

PDF (Volledig document), 87.90 MB

VJ
­­ ee -
an) zün werking doen voortduren. De Staat ziet toe en werkt mede dat de
de rüken rijk worden gemaakt, en de armen arm worden gehouden. Zoo er t ïlë
en dan rijkenzorg moet zün van Staatswege, waarom zou er geen aimenzorg
wezen? Er is van de züde der armen volstrekt geen bezwaar. Hun be- gg ,
it- zwaar is enkel tegen de minachting en den smaad waarmede de rüken tot
.re nu toe de ,,armenzorg" hebben vergiftigd, tegen de sohrapende schrielheid ïïl
er waarmede rüken tot nu toe het als armen verzorgd worden tot een on- bi y
ag menschelijke kwelling hebben gemaakt. Tegen de manier dus waarop de _`
of armen tot nu moeten gedogen dat hun deze ,,zorg" werd aangedaan. Doch ~-ij
in niet tegen het feit. Wijl de werkelijkheid is dat een stuk van hun levens- j
er- onderhoud hun werd ontnomen, achten zij het geen ,,schande"een gedeelte
daarvan, een deel zoo groot als thans mogelijk is, terug te nemen of als
ig gevolg van hun aandrang terug te ontvangen. Zoo er van schande moest gg;
et worden gesproken, past de aanduiding, naar hun meening, wel eerder op
g, de daad van hen die het namen. Zoo zij niet heel hun leven economisch
r; gedwongen waren geweest voor de rgken te ,,zorgen", behoefde aan het eind ,Z^j
al van hun leven uit den aldus gekweekten overvloed der rijken niet te il"_*,
worden genomen voor deze ,,armenzorg". Zoodat toch eigenlijk met de V'
=r­ sohimpnaam ,,armenzorg" ten opzichte van Staatspensioneering niet veel gj
te is gezegd. Misschien wel voor de ,,rijken". Doch niet voor de ,,armen" wier
ld eigen oordeel, althans voor henzelven, ook wel van eenige waarde is. jiä
n, Een derde bezwaar tegen de Deensche wet is, dat hare werking, wel
verre van het maatschappelgk nuttige ,,sparen" te bevorderen, dit sparen
rn zou tegengaan, feitelijk de strekking zou hebben van een straf op het ‘‘i‘
ft sparen. De uitvoering der Deensche wet is namelük deze dat het pensioen- .,
bedrag, voor elke gemeente vastgesteld (naar wij nog zien zullen veel te «·
,n laag), van Staats- en gemeentewege slechts wordt aangevuld. Gesteld dat Qa,
de pensioengrondslag voor een zekere gemeente f 100,- bedraagt, en de ’¤­
li aanvrager heeft inkomsten, uit besparingen of anderszins van f 40,- per te
jaar, dan ontvangt hij geen f 100,- doch f 60,- pensioen. Hij is er dus *3,,
? niets beter aan toe dan een aanvrager die niet heeft gespaard.
n , WU hebben gezien dat voor Neclerlcmcl dit bezwaar niet van prakti­
vv sche beteekenis zou wezen wül hier de werkelijkheid is dat er voor den gp,
rs ouden dag toch niet kan worden gespaard. Wat het voor Dememarkevz waard
5- is blijkt uit het feit dat de besparingen der arbeiders in Denemarken in i§*
zt geen enkel opzicht zijn verminderd. 1) Professor Wnsrnaennnn die aanvan­ ZL.;
et kelrjk ten opzichte van dit sparen zeer ongerust was 2), heeft later verklaard äïjwl
dat de besparingen onder de wet niet hebben geleden. Ook Roem en anderen. Ji
rt De ziekteverzekering is sedert de werking der wet in sterke matetoege- ,
g nomen. ,,De bestuurders van de Dansk Folkeforsekrings-stichting en andere R
4; banken waarin de arbeidende standen hun spaarpenningen beleggen, ver- ju
g klaren dat hun zaken thans in bloeiender toestand zgn dan vroeger, het
l, aantal der beleggers neemt van dag tot dag toe" zegt Enrrrr Snrlrnns in pj
e het aangehaalde artikel, naar aanleiding van een persoonlijk onderzoek ter
r plaatse. W i
" Toch is deze toepassing der wet zonder twüfel een fout, ook naar onze
e meening. Want afgezien van de spaaroverwegingen, die door ons in een bifl
1 ander licht worden gezien, behoort de Staatspensioneering voor hen die in _
t de termen vallen als regel een vaste uitkeering te wezen. Ook zoohet bedrag
rl - .
1 -----
1) Zie 0. a. een artikel van Emru Snnmcns, vertaald uit ,,he Contemporary EL,
l• Review" in ,,Wetenschappe1ijke bladen" 1901, I, bladz. 30 en 31. il '
2) BRAUN’S ,,Archiv. f. soz. Ges, und Statistik" 1894, VH, bladz. 304 en 305. .
ilïl
{iii