HomeDe Belgische wet van den 29 October 1846, houdende: instelling van het Hof van rekeningen (Algemeene Rekenkamer)Pagina 34

JPEG (Deze pagina), 855.78 KB

TIFF (Deze pagina), 7.43 MB

PDF (Volledig document), 28.73 MB

j ~­ .52. ­­­
j { gesproken heeft, ik vind het, met het oog op hetzelfde art. 116 der
i ­ Grondwet, zeer juist , dat het Holi een veto hebben zal, om te be-
5 letten, het zij dat de verschillende posten der begroeting worden over-
, V ty schreden, het dat er overschrijving plaats hebbe. »
j De /Hz`m`stcr UIIWL .FVZV72(l7Z02­€7’I,: « Het Hof moet waken , dat de be-
V grooting niet worde overschreden; van daar in mijn amendement de
e' woorden: tt en het Hof` de regelmatigheid der aanwijzing van den be-
' ' «grootingspost heeft erkend. » Het bestuur kan niet een millioen uit-
geven, waar slechts honderd duizend danken zijn toegestaan. In dat
geval moet het llof de handeling van den Minister tegengaan.): g
De lleer Donny: « Toen het Congres een voorafgaand visa heeft in-
V gesteld, was dit in de volgende woorden: «Geene ordonnantie tot ,,
V betaling wordt door de schatkist voldaan , dan nadat van het oisrz
van het Hof` zal zijn vo0rzien.» V V
« Dit stelsel heeft vijftien jaren geduurd, en welke moeijelijkheden ;
‘ heeft het opgeleverd? Is het bestuur in zünen loop ooit belemmerd? l
Is een Minister in de onmogelijkheid gesteld, om van de hem toe- i
L gestane credieten gebruik te maken? lk geloof` hetniet. De haarklove- V
A i rijen, waarvan de Minister heeft gesproken, zijn slechts bijkomende j
° zaken. Zij kunnen voortaan niet meer voorkomen, want er is een beroep if
‘j op den Ministerraad ingesteld. die in het hoogste ressort oordeelt. Het [
jj gz nu voorgestelde verschilt dus aanmerkelijk van hetgeen bestond. f
i { i «De Minister betrijdt het artikel der centrale sectie uithet oogpunt
l ik der verantwoordelijkheid. Tegenwoordig stelt de Minister betaalbaar,
A het Hof` viseert. De Minister zal zelfs thans niet beweren , dat zijne
j ( verantwoordelijkheid ondervangen wordt. Zijn wij , ondanks het preven­
tiet` toezigt van het Hof` van Rekeningen, zelfs nu niet volkomen be-
‘ A voegd , uitgaven uit de Staatsrekeningen te verwerpen? Hoe zou dan der
jj verantwoordelijkheid te kort kunnen wordhn gedaan, na de aanneming
van het stelsel van een visa , onder z=oorZ2eh0ud?»
j De discussiën over `het artikel en het amendement duurden nog
1 eenigen tijd voort. Hieraan namen deel, behalve de Minister van
ä, Financien, de lleeren ne Gtncm , Doxivr en vm ons Evxon.
QV Er werd eindelijk tot de stemming besloten en het amendement
t van den Minister, die zelf lid der Kamer was, werd verworpen,
, _, en het artikel aangenomen.
f Het tweede punt van eigenlijke beraadslaging betrof` de pensioenen_
j Er waren leden die de wettigheid van de pensioensverleening door
liet Hol` van Rekeningen wenschten gecontroleerd te zien.
De heer om MAN D’1kTTENlt0DE stelde eene andere redactie voor j
j dan de eentrale sectie, zoo als wij reeds lxiervoren vermeld hebben.
it
s F .
'
., ’ r