HomeDe Belgische wet van den 29 October 1846, houdende: instelling van het Hof van rekeningen (Algemeene Rekenkamer)Pagina 20

JPEG (Deze pagina), 853.13 KB

TIFF (Deze pagina), 7.35 MB

PDF (Volledig document), 28.73 MB

/

`.. -..
j itgeene regelen, voor het geval van verschil van gevoelen tusschen
I ltihet gezag, dat de uitgaat gelast, en de instellmg,die haar onderzoekt. t
tt Eene bepaling, in het zceisonzweiyz opgenomen, heeft deze
<<v1ioeg'e/gïkheid uit den weg gev·ui`md : « Indien het hooFd van een
A 1 udepartemcnt volhardt, om eene uitgaat te .doen, in weerwil der
,i eopmerkingen van het Hol` van Rekeningen, wordt de zaak bij den
ttlïaad van Ministers gebragt, en met diens toestemming, wordt tot G
' ude uitgaaf overgegaan; maar dan heeft het kabinet zich mede aan-
` asprakelijl: gesteld voor de daad, waarvan het Hof van Rekeningen
ein rapport aan de Kamers moet kennis geven, en zoo wordt de
« wetgevende magt in staat gesteld, die handeling te beoordeelen
«< en te beslissen, wanneer de rekenwet vaststelt.
«Zoo neemt het Hof` van de wettigheid der uitgaven kennis, maar
ubeslist daarover niet; naar dien grondslag zijn de misbruiken in
t ‘ uhet beheer der financiën minder mogelijk. Het Hot` is een middel
i tt van zekerheid voor de hoofden van het bestuur, daar het hun waar-
M aborgt, dat hunne ondergeschikten hen niet buiten hun weten kunnen
4 it verbinden tot het doen van onwettige en onregelmatige uitgaven;
« het verzwaart de verantwoordelijkheid hunner daden voor de Kamers,
«daar de nitvlugt van eene verrassing niet meer mogelijk is; het
« vergemakkelijkt de middelen, om de geldelijke verantwoordelijkheid
in «in toepassing te brengen, door zijne opmerkingen aan de wetge-
ȕ T uvende magt; het lloi` waarborgt aan het land het regelmatig ge-
, « bruik zijner inkomsten; het bevestigt, door zijne verklaringen , de i
A 5 etovereenstemming van de aan zijn toezigt onderworpen handelingen,
j « met die welke voorkomen in de rekeningen, aan de wetgeving aan-
«geboden; en het is in de opmerkingen van het jaarverslag van het
jj «Hof` van Rekeningen, dat het Parlement het hem zoo noodige ver-
» it trouwen pnt, om de regeling van iedere begroeting vast te stellen ,
gi it en zijne eindelijke bekrachtiging te verleenen aan uitkomsten, om
uwelker naanwkeurigheid en regelmatigheid te onderzoeken, de Ver-
utegenwoordiging noeh den tijd noch de middelen bezit. Eene veer-
ti tienjarige ondervinding heeft algemeen de voordeclen der bepalin-
agen van het decreet van 1850 op prijs doen stellen.
t «De talrijke wijzigingen, die in den loop van een dienstjaar
* ahebben plaats gegrepen, het zij in het bedrag der schuldvorderin~
eigen, het zij in de gevraagde besehikbaarstellingen op de toegestane
agelden, zijn feiten, die ter gunste pleiten van het voldoende toe-
azigt, door die wet ingesteld.
«l·let voorstel van herziening, door de Regering aangeboden , is na-
ugenoeg gelijk aan de wet van 1830.
«
tl
i
r g ..,___ ...,