HomeDe Belgische wet van den 29 October 1846, houdende: instelling van het Hof van rekeningen (Algemeene Rekenkamer)Pagina 14

JPEG (Deze pagina), 575.52 KB

TIFF (Deze pagina), 7.24 MB

PDF (Volledig document), 28.73 MB

J J ` l
fl `

{ -­­ 12 ­-
I ART. 17.
'J Het Hof van Rekeningen houdt een dubbel van het
A register der pensioenen ten laste van den Staat. De aeten
_ worden door het Hof geviseerd en geregistreerd.
Het viseren geschiedt op de wijze als art. 14 is bepaald.
ART. 18.
Aan hetHot van Rekeningen behoort uitsluitend de benoe-
ming en het ontslag van züne ambtenaren.
ART. 19.
De bezoldiging van den Voorzitter van het Hof van Pte-
keningen wordt bepaald op f 4,500 (9,000 franken) en die
" der raadsleden en van den griffier op 3,500 (7,000 fr,).
ART. 20.
Er kan geene wüziging in het reglement van orde van
het Hof van Rekeningen worden gebragt, dan met goed-
keuring van de Kamer der Vertegenwoordigers.
ik ART. 21.
;_ De Wet van den 30 December 1830 en die van den 14
Junij 1845 zün ingetrokken.
kondigen de tegenwoordige Wet af, en bevelen,
, dat zij van het zegel van den Staat worde voorzien en in
A den Jlloniteztr geplaatst. ‘ I
J Gegeven te Saint-Cloud. LEOPOLH l
Van wege den Koning: Gezien en van het Groot-«
Be ]lfi·zzi.s·z'ar· van Finmzliiizz, Zegel voorzien:
J. Manou. De ]l[i22i.s=tm· van Justitie, .
Baron J. DKANETHAN.