HomeNota betrekkelijk het fonds, ingeschreven op het Grootboek der nationale schuld, ten name van den Hoogen Raad van Adel, als admiPagina 7

JPEG (Deze pagina), 570.82 KB

TIFF (Deze pagina), 5.76 MB

PDF (Volledig document), 6.61 MB

ei 2 ll
j 5
l.
die gelden een fonds tot stand te brengen, waarover
Z. M. de bestemming geheel aan zich behield.
’ Het voorbeeld van het tot in 1810 in stand ge-
bleven Dnitsche Rijk, als ook van andere landen ,
deed de Vorst dit voornemen opvatten, doch met een
edeler doel dan de opbrengst daarvan tot eigen ge-
l bruik te bestemmen.
j Bij besluit dd. 22 Maart 1816, n°. 31, werd de
H. R. v. A. gemagtigd, om van de gelden, welke
bij voornoemden Raad werden ontvangen wegens
Tema, aan te koopen inschrijving van Werkelijke
Schuld, en die op het Groothoek der Publieke
Schuld te doen stellen, ten name van den Hoogen
Raacl min Adel, als ctclmi1zisto·ev·emle een fmzcls ter dis-
positie vom Z. M.
j Tevens deelde Z. M. aan den toenmaligen Presi-
dent van den H. R. v. A. mede, dat het Hoogst
Deszelfs voornemen was, om in de toekomst, wan-
neer dat fonds die hoogte zoude bereikt hebben, dat
de H. R. v. A. daaruit konde bezoldigd worden,
,, de revenuën van dat fonds daartoe aan te wenden
en de overigen te doen strekken tot onderstand van ‘,
i verarmde weduwen en weezen van adelijke personen;
als zijnde gelden door den adel alleen te zamen ge-
l bragt, zonder daartoe door eenige belasting te zgn
verpligt, en dus ook zijn eigendom; alsmede om
f eenigzins te gemoet te komen in de schaden, die de
adelijke geslachten geleden hadden, door het on-
regtmatig en onbillijk wegnemen der fondsen, die 1
door hen te zamen gebragt waren en waaruit de
j adelijke stiften Terhunnepe, VVeerseloo en meer an-
deren hunne opbrengst genoten.
l .
2
1