HomeNota betrekkelijk het fonds, ingeschreven op het Grootboek der nationale schuld, ten name van den Hoogen Raad van Adel, als admiPagina 12

JPEG (Deze pagina), 496.65 KB

TIFF (Deze pagina), 5.80 MB

PDF (Volledig document), 6.61 MB

H)
staande de ridderschappen voor het vervolg geene
politische regten zullen uitoefenen, het bestaan van
den H. R. v, A. , daarvan niet afhankelijk kan gezegd
worden te zijn, zoo lang art. 63 der Grondwet aan
den Koning de bevoegdheid laat, adeldom te ver-
Zeeneoz, zal men toch niet kunnen verwachten: le. g,
dat Z. M. zoodanig prerogatief, zonder eenige voor-
lichting zal kunnen uitoefenen; 2`. dat er geene
registers, aanteekeningen enz. den adel betreffende,
zullen dienen te worden aangehouden; 3°. dat de soms
A zeer moeijelijke kwestiën van inlijving of erkenning,
j door een ondergeschikt ambtenaar zullen kunnen wor-
; den beslist enz. enz.
In eenen tüd, wanneer men ziet , dat een groot
L gedeelte van de natie juiste of onjuiste pretentiën
oppert , en de archieven van den H. R. v. A. aan-
toonen, hoe velen zich ten deze geregtigd achten,
zal het toch niet geldverspillen kunnen heeten, als
l men een collegie behoudt, dat thans ruim de het/’t
i meer opbrengt dom het kost, en dat de eenigste
4 regtbank is, waar men de famielieëer en titels, die X
ïi bij verre weg het grootste deel der natie , (dit valt
niet te ontkennen,) zoo dierbaar zijn, kan handhaven
A en verdedigen.
l
l