HomeBrief aan alle Nederlandsche Werklieden, leden en geen leden van de InternationalePagina 27

JPEG (Deze pagina), 523.73 KB

TIFF (Deze pagina), 5.11 MB

PDF (Volledig document), 15.97 MB

jl .
l
l
, 25
l God en hun geweten oerantwoorclen; ja dan moeten ze `
maar met hun vuile magen krapeeren. God is recht-
_ vaardig! Maar wij hebben niks van hun te reclamee­
· ren als alleen dat ze goed werk naar den eisch betalen.
Rijden ze in mooie wagens, daar leven de wagenmakers
van, en de lijstenmaker van ’t verguldsel. Als je zeggen
l zoudt dat de groote kapitalen - zooals ze tegenwoordig
op den winkel praten ­-­ ons den dood doen, en dat die
de wereld uit moeten, en ook verdeeld moeten worden,
net als alles in de Maliebaan, of waar ievers anders,
dan, zeit meester, en ik mot zeggen dat was het
naadje van de kous - dan, zeit ie, als die kapitalen
er niet meer waren, dan zou je nooit van zgn leven
E een groot werk zien tot stand komen. Zie je jongens,
nu begrijp ik het ook: die heele rijke lui zitten met den
aap, en spikkeleeren daarmee in wüsheid of domheid,
net zoo lang tot dat ze büvoorbeeld een spoorweg
` moeten aanleggen, of een Haarlemmermeer moeten
ii leegmalen - nog al geen kleinigheid - of tot dat ze
A op groote schaal werkmanswoningen gaan bouwen. -­
, Nou wat zeg je. Als we nee zeggen dan benne we on-
redelük. Onder de grooten zijn er tegenwoordig meer
f als meer die toonen dat ze ons jandoosie beter losies
gunnen als in ’t gevangenhuis of in de ongebluschte
t kalk. ­- Pas op jongens laat je niet pieren. We moe-
ten vooruit, dat is sekuur. Ons villen mag er geen
j een, daarom moeten we lid van een goede werkmansver­
eeniging worden, waar we ons eigen belang naar wet en
1