HomeBrief aan alle Nederlandsche Werklieden, leden en geen leden van de InternationalePagina 18

JPEG (Deze pagina), 542.69 KB

TIFF (Deze pagina), 5.14 MB

PDF (Volledig document), 15.97 MB

F
j 16
J Toen heb ik gaan zitten nadenken, en hoe lan-
ger dat ik nadacht en met meester en Jans er over
sprak - de meester is nog een neef van mün vrouws-
kant zieje ­­- hulponderwijzer - hoe meer ik begreep
dat die heele broederschap en alles maatjes gelijk , net
zoo onmogelijk is als met de hand aan den hemel te
W reiken. De meester zei, en daar had hü recht in:
` Moeten de kinderen dan voortaan niet meer leeren op
` school? Om kinders te kunnen onderwüzen, moet je
met je hoofd en niet met je handen werken. Om dok-
ter en rechter en profester te worden , is het allemaal
` met den kop werken. Nu moeten die lui toch op slee- ii
~ len zitten als ze hun hersens inspannen om de wüs­
heid uit de boeken te halen. Zie je, en daarom kun-
nen ze ’t ruwe weer zoo niet verdragen; en als het E
g werkvolk grof werk doet met de handen, dan doen zü
fijn werk met het hoofd En, werken met de handen, _
. dat kun je vrü wat langer volhouden als met den kop. E
{ Laat Pietersen of van Vlot eens een klein briefje schrü­ nl
‘ ven, zei Jans, dan zul je eens zien hoe’n spul ze
daarmee hebben. Vil je wel gelooven jongens, dat ik
i zelf over dit opstel al meer als een verreljaar doende
ben; alle zaterdag avonden, en soms zondags een beetje. 1
Maar ik zeg je dat ik er menig zweetje op gehaald heb, ,1
N en dat ik ’t al lang had laten steken als meester en
jj Jans niet zeiden dat ik ’t doen moest, en meester niet
altijd hielp met overschrijven. -- Wat betreft dat ik
jelui wil zeggen wat ik denk, ik dank God dat ik het
E ï
r
il J
tl l
tt