HomeWat is het begin geweest, hoe was de voortgang, wat zal het einde zijn?Pagina 61

JPEG (Deze pagina), 914.81 KB

TIFF (Deze pagina), 8.45 MB

PDF (Volledig document), 60.42 MB

j 55
van den cirkelomtrek van het zonitli verwüderd. Het brcodteverschil
dezer plaatsen vond hg dus : 7°12’, hetgeen vrij nauwkeurig is. Door
de reizigers werd de afstand der beide steden op 5000 stadiën geschat, `
en zoo vond dus Enarosrnenns den geheelen omtrek : 250 000, en één
, graad : 694,4 stadiën.
j De waarde van één Egyptisch stadium is niet juist bekend, maar
wordt door SOH11I1ïg€H = 1/ig, door anderen : 1/,2 duitsehe mijl gesteld.
R. Lnrsms neemt 180 meters aan, (Die Läazgemnasse der Alma, 1884, blz. 14).
Let men er nu nog op, dat de beide genoemde plaatsen niet op den-
zelfden meridiaan liggen, maar een lengteverschil van 3 graden hebben,
` en dat de weg, die door de reizigers gevolgd werd, ook niet recht was,
_ imaar waarschgnlijk door het gekronkelde Nüldal liep, dan moeten die
5000 stadiën eene aanzienlijke herleiding ondergaan, en wel, zooals wg
met een eene kaart van Egypte in de hand vonden, in de reden van
11 : 9. Brengt men deze herleiding niet aan, dan verkrggt men den
breedtegraad te groot, brengt men ze wel aan, dan vindtmen hem te klein.
Posmomos merkte 200 jaar later op, dat de ster Canopus, a van ,,het
schip Argo", te Rhodus, bij haren meridiaandoorgang, slechts even boven
den zuiderhorizon zichtbaar werd, terwijl zg zich alsdan te Alexandrië ‘
7*/2 graad boven den horizon verhief. Naar de opgaven der zeevaarders
schatte hij den afstand dezer plaatsen insgelgks gelük aan 5000 stadiën
en verkreeg hij dus voor den omtrek der Aarde 240 000 stadiën, dus iets
i minder dan ERATOSTHENES. Het aangenomen breedteverschil is hier bijna
anderhalfmaal te groot, en uit den aard der zaak de afstand onzeker;
ook is weder niet op het lengteverschil (2°) gelet.
Hoewel nu door beide wiskundigen een juist beginsel was aangewend,
I konden wegens de onbeholpene wüze van uitvoering niet anders dan eene
ruwe schatting verkregen worden. Sterren, die ,,slechts even boven den
horizon" culmineeren, zijn wegens de straalbuiging, (die de Ouden nog
wel geheel onbekend was,) niet zeer geschikt voor bepaling van breedtever-
scl1illen­~, en de uitdrukking zelve is veel te onbepaald.
(7) Deze uitdrukking: ,,van de rechter- naar de linkerhand" geldt voor de
, bewoners van het noorderhalfrond, of liever voor lien, die het hoofd naar
de noordpool des hemels gekeerd hebben. Heeft 1nen het hoofd naar de
zuidpool gekeerd, dan schijnt de beweging van de linker- naar de rechter-
hand plaats te hebben.
(8) De hypothese der kristallen sferen werd door Anaxxnmnnnn, een der
voorgangers der Ionische school, (waarschgnlgk gestorven 430 j. v. Chr.),
bedacht, door PLA·ro overgenomen, en door Eunoxns, (408-355 j. v. Chr.)
ARISTOTELES, (384-322 j. v. Chr.) en zijn t§dgenootCA1.L1rrUs uitgewerkt,