HomeDe ontwikkeling der denkbeelden op sociaal gebied (1898-1923)Pagina 26

JPEG (Deze pagina), 900.42 KB

TIFF (Deze pagina), 7.69 MB

PDF (Volledig document), 30.62 MB

l
_ 24 ma omsouw j
i delijker aan den dag treedt in de geschiedenis van de wetgeving,
` _ dan in ­de maar al te dikwijls kunstmatig verscherpte tegenstel- I
lingen der verschillende bevolkingsgroepen en politieke partijen, =
die in de pol.itieke geschiedenis op den voorgrond treden. h
In de 19e eeuw stond men aanvankelijk zeer sceptisch tegen- .
i over het denkbeeld, dat de overheid geroepen en in staat was, 1
door wetgevende maatregelen ter bestrijding van sociale mis-
bruiken in het maatschappelijk leven in te grijpen. ln het begin j
van de 25-jarige periode, die in dit jaar wordt herdacht, was jj
[ men op grond van de gegevens, die door verschillende enquêtes lj
waren bekend geworden, tot de overtuiging gekomen, dat de
i wetgever ook op dit terrein een taak te vervullen had. Eenmaal
j een stap en meer volgende stappen op dien weg gezet hebbende 2
was men vanzelf gedwongen verd-er voort te gaan.
De algemeen verplichte ongevallenverzekering voerde conse-
quent tot invaliditeits-, ouderdoms-, ziekte- en werkloosheidsver­
zekering. De overheid vatte het gaandeweg op als haar plicht,
zorg te dragen, dat de arbeider een rechtvaardig loon ontving, Q
è d. w. z. een loon voldoende om niet alleen in normale, maar ook
in abnormale omstandigheden in de behoeften van zijn gezin j
te voorzien. ` ’
De wetgevende maatregelen strekkende om zorg te dragen, dat l
Z; ‘ geen misbruik werd gemaakt van de zwakke krachten van vrou-
wen en kinderen, leidden tot een wetgeving, die, zooals hier- 5
boven werd uiteengezet, zonder dat men zich daarvan reken- ä
schap gaf,‘niet langer als het afsnijden van misstanden kan l
worden aangeduid, maar die een regeling van den arbeid moet
worden geheeten. "
Bij iederen stap, die men zette was er een groep, die heftig
protesteerde, omdat men veel te ver ging en een andere groep,
die met niet minder nadruk verkondigde, dat hetgeen de wet-
gever deed, minder was dan niets. Telkenmale gaf echter de wet ‘
,S._ . uitdrukking aan de gevoelens, die leefden onder de groote meer-
‘ derheid der bevolking. 1
Het hoogtepunt van de staatsbemoeiing was de Arbeidswet V
1919. Zij werd met vrijwel algemeene stemmen in de be.ide _
· Kamers der Staten-Generaal aangenomen en in de Tweede
‘ Kamer zelfs met gezang ingehaald. V