HomeEen tiental redevoeringen van den Duitschen rijkskanselierPagina 80

JPEG (Deze pagina), 728.14 KB

TIFF (Deze pagina), 5.56 MB

PDF (Volledig document), 87.56 MB


ri l
i
E trokken, kunnen wij thans zelf vervaardigen. De daartoe De
1 noodige fabrieken zijn aan het werk. Van de metalen zou,. _
meende men, het koper wel eens schaarscli kunnen worden. 1
Indien we echter onze toevlucht nemen tot het reeds ver- gm
j werkte doch vervangbare koper, dan hebben we voor vele wel
jaren genoeg. Van wol en katoen hebben wij groote voorra- 0Oyf
den gevonden in België en Polen. Katoen krijgen we thans V dg
ook over den Donau. Met rubber zijn we zuinig. Wij ver- ` Ver;
vaardigen met goed gevolg kunstmatige caoutchouc en zelfs geh
als de voorraad schaarsch mocht worden, gelooft iemand mg
dan in ernst ons door gebrek aan caoutchouc te kunnen over- JEYO1
winnen? B VGT
En nu, Mijne Heeren, de uitputting van menschenmate- {gg.
riaal! De afgevaardigde Scheidemann heeft zelf er zeer te- ggh
recht op gewezen, hoe de geschiedenis van dezen oorlog ge- dit
Y leerd heeft, dat het op het aantal alleen niet aankomt. Het ta]
i` is mij absoluut onbegrijpelijk, hoe Frankrijk, hetzelfde . wel
pi Frankrijk, dat thans de klasse 1917 oproept, dat de klasse 1 7;]),
1916 reeds voor het grootste gedeelte heeft ingelijfd, hoe het
Frankrijk spreken kan van uitputting van menschenmate- Du
riaal in Duitschland. Wij zijn bij de oproeping der dienst- V6;
i pliclitigen lang zoover niet gegaan als Rusland, ook niet VOC
als Frankrijk, dat den dienstplicht tot over het 45ste levens- j Bij
iii jaar heeft uitgestrekt. Bij het aantal weerplichtigen, dat nog , am
ter onzer beschikking staat, denken wij er niet aan de hgf
grenzen nog verder uit te strekken. Onze verliezen zijn, niet 1 lim
enkel relatief doch ook absoluut, kleiner dan die der Fran- _ het
sehen. Wij hebben 30 millioen inwoners meer dan Frankrijk. 1
l x Onze verliezen, Mijne Heeren, zijn, hoewel geringer dan die ·
der Franschen, zeer smartelijk. De heer Briand heeft de ­ Bij
Fransche vrouwen, hare tranen en haar moed herdacht. ""
Gelooft iemand, dat de Duitsche vrouwen niet even moedig
zijn, haar vaderland niet even innig lief hebben? Onze i
jj vijanden moeten het maar beproeven ons te vernietigen! .
t Als wij voor huis en haard strijden, raken wij nooit uitgeput. ï vo<
76 2
j;
I
lil ï
Ee i
i .