HomeEen tiental redevoeringen van den Duitschen rijkskanselierPagina 77

JPEG (Deze pagina), 663.63 KB

TIFF (Deze pagina), 5.57 MB

PDF (Volledig document), 87.56 MB

E ,
i lijk beleden, dat Frankrijk tot den oorlog is overgegaan om
i Elzas-Lotharingen te veroveren. 'Het leek mij toe, dat de
SVOOT- afgevaardigde Scheidemann erop doelen wilde, dat derge-
vjjau- lijke uitlatingen van de pers de juiste stemming der natie
Oysmn niet weergeven. Het kan zijn, dat bij de vijanden enkele
dezen denkende mannen, die zich rekenschap geven van den mili-
3 bui- tairen toestand, in het diepst van hun hart wenschen, dat
g VOT- E spoedig een einde zal gemaakt worden aan het ontzettende-
[1 Wi]- · bloedvergieten. Maar ik zie niet in, dat deze mannen in de
;SOhOn i zeldzame gevallen, dat zij aan het woord komen, ook vol- .
in ZOO i doende gehoor vinden. Misschien behoort hun eenmaal de
OO1 in j toekomst, het tegenwoordige echter volstrekt niet. De rede-
mvgy- i voeringen in het Engelsche Hoogerhuis, waarop de afge-
VOO]- i vaardigde Scheidemann nader is ingegaan, hebben op en-
,O]Ojp_- s kele uitzonderingen na in de Engelsche pers geen weer-
1O gt;- klank gevonden , maar zij hebben geleid tot de formuleering
gd 1OO- der krankzinnige oorlogsdoeleinden, waarvan ik zoo straks
Lydw; enkele heb vermeld. Ik kan dat niet over het hoofd zien.
g van Absoluut beslissend is echter de houding der vijandelijke
gn I`Gg€€1`lIlg€I1.
.ë. De
n den
[EO dg ; De beweerde strijd voor de vrijheid der volken en het be-
en de
f€it€_ ginsel der nationaliteiten.
ietigd
De heer Asquith heeft - de vorige spreker heeft er ook
p al reeds op gewezen - in zijn rede in Guildhall beweerd,
dat zijn oorlogsdoeleinden nog dezelfde waren, als bij het
uitbreken van den oorlog: de vrijheid der kleine naties, de W
° herstelling van België, de vernietiging van het Pruisische
altijd militairisme. Over de vrijheid der kleine volken heb ik
·teaux reeds gesproken. Gedurende meer dan een jaar heeft de we-
iet de reld geloof gehecht aan deze - Engelsche ­- philanthropie.
open- Thans zal zij, na Griekenland, van dezen waan zijn genezen
73