HomeEen tiental redevoeringen van den Duitschen rijkskanselierPagina 45

JPEG (Deze pagina), 733.38 KB

TIFF (Deze pagina), 5.54 MB

PDF (Volledig document), 87.56 MB

l
een tusschen Duitschland en Frankrijk omtrent Marokko de gan-
_`_ j sche wereld duidelijk maakte, hoe de Engelsche Entente-po-
litiek, evenals het streven, steunende op zijne Entente-vrien-
den, aan de geheele wereld zijn wil op te dringen, den we-
dêïè reldvrede bedreigde. Ook toen was het Engelsche volk niet
eslo- geheel op de hoogte gebracht omtrent de gevaren van de
eht? j politiek zijner regeering. Want toen het, nadat de crisis
agen doorstaan was, begreep, hoe haarscherp het den afgrond van
ndat een wereldoorlog voorbijgegaan was, deed zich in breede
1 een i kringen der Engelsche natie een stemming gelden, om tot
dat ons in een verhouding te komen, die oorlogsverwikkelingen
ï de zou uitsluiten. Men scheen aan één rit over de ,,Bodensee"
dag, l genoeg gehad te hebben!
hen- Zoo ontstond de zending van Haldane in het voorjaar van
den, l 1912. Lord Haldane verzekerde mij, dat het Engelsche ka-
zhen l binet ernstig een toenade·ring wenschte. Terneergeslagen _
z in j was hij door de toen bij ons aanhangige vlootwet. Ik vroeg
ik, den Engelsehen Minister, of niet een openlijk vergelijk, een
nkel vergelijk, dat niet enkel een Duitsch-Engelschen oorlog
k te maar elken wereldoorlog zou voorkomen, hem meer waard
sten was dan een paar Duitsche dreadnoughts meer of minder.
aan, p Lord Haldane scheen- persoonlijk wel voor deze opvatting
oge- sympathie te gevoelen. I-Iij vroeg mij echter, of wij, als we
aken den rug tegen Engeland gedekt hadden, niet onmiddellijk
Frankrijk overvallen en vernietigen zouden. Ik heb hem ge-
nne- anxtwoord, dat de vredespolitiek, welke Duitschland gedu-
l rende meer dan veertig jaar gevoerd had, ons eigenlijk
n de j moest vrijwaren voor een dergelijke vraag. Wij hadden im-
een mers de [prachtigste gelegenheid gehad, tijdens den Boeren-
opte oorlog, tijdens den Russisch-Japanschen oorlog, blijk te ge-
. ge- . ven van onzen mogelijken strijdlust, maar toen en in alle
neer I phasen van de Marokkaansche kwestie hadden wij het tegen-
. tot overgestelde gedaan, hadden wij onze vredelievendheid aan
verd I de geheele wereld verkondigd. Duitschland - zeide ik hem
igen l - wenscht oprecht den vrede met Frankrijk en zal even-
41