HomeEen tiental redevoeringen van den Duitschen rijkskanselierPagina 16

JPEG (Deze pagina), 521.65 KB

TIFF (Deze pagina), 5.96 MB

PDF (Volledig document), 87.56 MB

‘ l
Rede in de zitting van den Rijksdag
van 2 December 1914.
Dank des Keize1·s aan de natie. _
Mijne Heeren!
Zijne Majesteit de Keizer, die buiten bij het leger ver-
toeft, heeft mij opgedragen, de Duitsclie volksvertegenwoor-
diging, met welke hij zich in storm en gevaar en in de
gemeenschappelijke zorg voor het welzijn des vaderlands ·
een tot in den dood weet, zijn beste wenschen en zijn harte-
lijke groeten over te brengen en tegelijkertijd in zijn naam
van deze plaats uit aan de geheele natie dank te zeggen
voor de voorbeeldelooze opoffering en zelfverloocliening,
voor den reusachtigen arbeid, die hier en elders door alle
lagen des volks zonder onderscheid is gepresteerd en nog
verder zal gepresteerd worden.
Vertrouwen in leger en vloot; wapenbroeders.
Ook onze gedachten gelden in de eerste plaats den Keizer,
het leger, de marine, onze soldaten, die daar buiten te velde en
op hooge zee voor de eer en de grootheid van ons rijk strijden.
Vol trots en niet rotsvast vertrouwen wenden wij onze blik-
ken tot hen en tegelijkertijd op onze Oostenrijksch-Hongaar-
sche wapenbroeders, die, trouw niet ons vereenigd, met schit-
terend gebleken moed den grooten strijd strijden.
12