HomeHet regt van de Tweede KamerPagina 27

JPEG (Deze pagina), 584.10 KB

TIFF (Deze pagina), 5.42 MB

PDF (Volledig document), 31.75 MB

DE MoTrE­KEUoHENrUs. 25 i
dat de afgevaardigde afkeurt wat hg afkeurenswaar- i
dig vindt? Immers de grief komt eigenlgk hier op à
neer: wg zgn het eens met Mr. Keuchenius dat het ,
Ministerie verkeerd gehandeld heeft, maar lig had
de zaak voor zich moeten houden, althans daarover i
geen besluit bchooren uit te lokken. Ik begrgp dat
de vrienden van de Regering, omdat zg de aftreding
van het ministerie noodlottig achten voor het land,
weigeren voor hunne ware meening uit te komen;
ik erken dat zg onder sommige omstandigheden regt l
hebben dat te doen en dat hunne tegenstanders meer-
malen evenzoo handelden; maar ik begrgp niet goed, l
dat men anderen veroordeelt, omdat zg rond voor g
hunne meening uitkwamen, ’t zg dan omdat zg in
de aftreding van het Kabinet geen nadeel zien, ’t zg
omdat zg tot geen partg behooren en bg elke kwes­
tie zonder ommezien oordeel vellen. Wanneer men
den eenvoudigen Hollander, weinig op de hoogte van g
partgkwestiën, de vraag voorlegt, wie zgn ware
vertegenwoordiger is: of de man die een kat een
kat durft noemen, er hg die weigert den naam kat
· uit te spreken, al kent hg het dier ook nog zoo J
goed, dan zal zgn antwoord wel niet twgfelaehtig
zgn. Ik beschuldig niemand, die om der gevolgen Q,
wille het oordeel dat op zgne lippen zweeft terug-
houdt, maar ik sta er over verbaasd, dat men den
nederlandschen volksvertegenwoordiger zgne onpar­
tgdigheid en zgne rondheid durft verwgten.
Ziedaar mgn oordeel over de motie-Keuclienius.
Gg ziet dat, ware het mogelgk geweest, ik waarschgn·
‘ l
1
i
ii `