HomeHet regt van de Tweede KamerPagina 11

JPEG (Deze pagina), 561.14 KB

TIFF (Deze pagina), 5.40 MB

PDF (Volledig document), 31.75 MB

mr 9
afzonderen. Ik ondernam mijn arbeid met al den j
j tegenzin van iemand, die, aan het vreedzame leven
op de stille studeerkamer gewoon, zich plotseling _ ï
voelt overgebragt naar een openbaar kamp, door al~ ` i
^, lerlei politieke hartstogten bewogen, en helaas voor
i de eenvoudige waarheid zoo zelden toegankelijk;
een kamp waarin de strüder al dadelijk zijne aan­
spraken op de regten van een eerlijk en beschaafd
Y; wezen moet afleggen, als in een ander kamp elk
j strijder zijne kleederen. ’t Zn zoo, de ernstige
. oogenblikken welke wg beleven laten geen keuze r
over. Regering en Kamer staan tegen elkander over.
De stem van de laatste is verstomd, en gelegenheid
tot zelfverdediging haar voor het oogenblik ontno
men. Het nederlandsehe kiezersvolk moet uitspraak
doen over de hangende regtsvraag. Zullen wij de K
voorbereiding van die uitspraak, welke beslissen
moet, of regt dan wel onregt in Nederland heer-
sehen zal, alleen aan de dagbladen overlaten, met
hunne noodlottige eenzüdigheid? Zullen er uit de
menigte geen mannen verrgzen, die op het gezag
van hun eerlüken naam, de kiezers heenwijzen naar j
de züde, waar, naar hunne innige overtuiging, het
regt ligt? Ik kan niet gelooven dat er niet velen 1
zouden zijn in den lande, die op dit oogenblik als
ik gevoelen, dat het heilige pligt is te spreken, en
dat wü onze politieke vrijheid onwaardig zgn wan-
neer wij, om welke reden dan ook, dien heiligen pligt J
verzaken. Voor mg is in elk geval het spreken te 2
meer pligt, omdat het hier de opvatting geldt van
1
l