HomeVermakelijke OssiadePagina 15

JPEG (Deze pagina), 1.14 MB

TIFF (Deze pagina), 7.15 MB

PDF (Volledig document), 33.07 MB

15
de stichter voelde dat zij nooit tot grooten bloei zou zijn te brengen,
' tenzij er voor hen die het exploitatiekapitaal moesten verschaffen, een
' redelijke, in de statuten ­begrensde, uitkeering over dat kapitaal zou
_ mogelijk blijken. In dezen geest heeft dan ook de heer Simons gemeend,
zijn eigen arbeid als Leider slechts nominaal te mogen beloonen, ten-
einde in de moeilijke groeijaren der instelling aan hen, die voor de
L Mij. werkten en van hun arbeid moesten bestaan - zoowel schrijvers
· als employés ­- zoo goed mogelijke arbeidsvoorwaarden te kunnen aan-
. bieden en het budget der Mij. niet te bezwaren. (Van 1905 tot 1914
genoot de heer S. ten hoogste f 1200 per jaar; tijdens de eerste drie
oorlogsjaren stelde hij zich tevreden met f 200 S) ; op dit oogenblik is
, zijn honorarium, inclusief tantième, f 3000). Dat nu van iemand, die
5 optreedt als nagenoeg onbezoldigd Leider eener dergelijke instelling van
, openbaar nut, niet ook gevorderd mag worden, dat hij ook nog zelf
{ _ grootendeels haar finantieel risico draagt, zal wel voor niemand betoog
, behoeven. De heer S. intusschen ­- het blijkt uit de in het prospektus
{ meegedeelde cijfers ­- heeft niet geschroomd dit wèl te doen, en ter
1 voorziening in de toenemende kapitaalsbehoefte steeds een zeer groote ·
1 verantwoordelijkheid op zich te nemen, tot tijd en wijle de ontwikkeling
, der Mij. zoover gevorderd zou zijn, dat met recht in wijden kring een
j beroep mocht worden gedaan op anderen om in die verantwoordelijk-
, heid te deelen en de verdere uitbreiding van het werk te steunen. Doch
' wel verre van, gelijk geïnsinueerd wordt, deze gelegenheid te benutten
t om al zijn vorderingen op de Mij. aan anderen te loozen, heeft de heer
_ _ ä Simons aanstonds verklaard, in de nieuwe uitgifte der Mij. in te schrij-
1 l ven voor drievierden van het bedrag dat hij blijkens de meegedeelde
t ‘ balans op 1 Januari 1919 te vorderen had (en wel voor 35 aandeelen en
5 25 obligaties), aldus het bewijs leverend van zijn eigen onverzwakt
t _ geloof in de Mij. en zijn blijvende offervaardigheid te haren opzichte.
Met hoeveel slordigheid de aanval op den heer Simons geschreven is,
1 i blijkt uit een karakteristiek détail in verband met de oude obligatie-
1 leening. Zeer nadrukkelijk vermeldt het prospektus op de eerste pagina,
j dat ,,van de nieuwe obligatieleening f 7 0.000 gereserveerd is voor hou-
{ ders der resteerende obligaties van de bestaande 5 % leening, welke in
_ deze leening geconverteerd wordt". Daarmede is dus duidelijk genoeg
1 gezegd: de oude obligaties worden door deze nieuwe leening niet afge-
1 lost, doch eenvoudig omgeruild. Geen houder van zulk een oude obligatie
, kan dus hiermee zijn vordering op de nieuwe inschrijvers afschuiven.
j Doch dit belet den schrijver in de ,,H. P." niet te insinueeren: ,,Dan
, wil zij de oude obligaties aflossen, waarvan misschien de heer Simons
§ ook wel enkele bezit". Z-eker, de heer Simons heeft ook in die oude A
' obligatieleening deelgenomen en zijn bezit daarin blijft bij deze nieuwe °
, uitgifte intact!
, 8] In de H. P. stond, alweer abusievelijk, f2000. ­- ln het nummer van den 25sten
1 ‘ werd dit, op aanwijzing der inzenders, gewijzigd in het juiste cijfer, dat hierboven
staat afgedrukt.
n
l
E