HomeMr. G. Groen van Prinsterer en zijne leerPagina 72

JPEG (Deze pagina), 681.94 KB

TIFF (Deze pagina), 6.77 MB

PDF (Volledig document), 61.49 MB

, , oe
e te laten varen? Niet in het minst. Men zal met de heer-
ä r schende Kerk in onbekroinpen geest, met het beginsel » dat
L i naauwe betrekking tusschen Kerk en Staat wensehelijk en ­­
noodzakelijk" is (1), dat » de Kerk beschermd door den Staat,
en de Staat geheiligd door de Kerk" moet worden, » eo/gens de
belgdezzis der Ifervormde Kerk, Ans van ouosnnu (2)," in de
i toepassing wachten, tot de » onwil en tegenzin van den kranke"
J (cl. i. van Nederland) » tegen de heilrijke kracht van het genees-
middel" geweken is , of, in geval de anti­revolutie aan het bestuur
kwam, gede/tt zoude worden geweken te zgn. Inmiddels wordt
1 in de dagelijksehe polemiek gezorgd, dat de baan geëlfend,
en vooral, dat niets met dat plan strijdige gezegd worde. O!
gij -­ Diplomaten! ‘
il, Ik verg niet van de anti-revolutie, dat zij, overtuigd onge-
A lijk te hebben gehad, hare nederlaag openbaar zal maken; -
{ noch dat, zoo uit werken van » vrienden" brokstukken zijn aan-
gehaald, en oordeelvellingen als voortreffelijk opgevijzeld, welke
later eene waarlijk vernietigende kritiek ondergaan, alsdan het
A vroegere oordeel zal worden teruggenomen. Het ware zonder
twijfel loyaal; maar, het is zoo, elke partij hegraaft hare doo-
1 den liefst in stilte. Anders is het met veroordeelingen van per-
sonen. Als een » vriend," - men neme den heer nix COSTA, -
niet onduidelijk een algemeen gcachten selirijver, -­- stel dr.
ij seuomnn, ­ van Pantheisinus beticht, dan wordt dit onmid-
F delijk in den » Nederlandei"` overgenomen. Zoo de aldus be- (
) leedigcle, want » Pantl1eist" is, als men weet, in de Theolo- ·
gisehe wereld geen eernaam, den » vriend” daarover ernstig
, onderhoudt, verklaart deze, niet dr. sciioïrreiv, maar anderen
te hebben bedoeld (3). Waarom hield de » Nederlander" niet
i dadelijk de rectiüeatie dezer » dwaling" in?
1
1.
i (1) Ned. Ged. Ill, 9, aangehaald in de Adviezen van 1840, pag. 146.
1 li (2) Ned. Ged. II, 130 ib. I
i3) Zie D'. u. .1. sc11oi.rm:, Anlxvoord aan Mr. 1. nix cosrix, pag. 37
l

, I
1
E
{
1