HomeMr. G. Groen van Prinsterer en zijne leerPagina 29

JPEG (Deze pagina), 676.23 KB

TIFF (Deze pagina), 6.82 MB

PDF (Volledig document), 61.49 MB

23
indien men vraagt, waardoor die ontlieiliging heeft plaats ge-
had, is het antwoord gereed.
Door » de dwa.,e gril/en van een in 1795 Godi·erlooe/levend l
geslae/ii," (Bgdr. pag. 73) werd » tegen al wat op Godsdienst,
natuur en aloude ll0l`l{0lllSl,Cll was gevestigd, het doemvonnls der
nieuwe wijsgeerte geveld, en, ioover het doenlijk is, door
haren magtigen aanhang voltrokken." (Bgdr. pag. 49).
K De ll00glCCl`tl2ll‘ M". G. W. VREEDE geeft eene eenigzins andere
uitlegging van deze » ontheiliging." '
» De gebeurtenissen van 1795 moesten volgen," zegt hij,
l
» omdat noeh in 1672, noch in 1702, noeh in 1747 en 1748
aan de natie gedacht was" ‘

en veroordeeld. Geen wonder waarlijk, dat de een in theorien, de
ander in het voorbeeld van Engeland heil zoeht. Er is geen » onge-
loof" noodig om dat te begrijpen.
lk noemde in den text Frankrijk niet, omdat ik de constitutionele l
staten van liet oogerzblil.: op het oog had. Maar nu de beer enoew
op dit land komt, beweer ik, dat de Oinwenteling en de daarop go-
volgde Constitutionele Besturen, ondanks allerlei rampen, oorlogen,
schattingen, verlies aan menschen en goed, waardoor Frankrijk geteis-
terd is, het evenwel in sehier ongelofelijke mate hebben doen vooruit- `
gaan. Men bedenke, dat de productie der industrie in vgftig jaren bijna
verviervoudigd, die van den landbouw verdrievoudigd, die van den handel '
verdubbeld is; dat de lasten des lands in 1789 gelijk stonden met een j
hedendaagseh budjet van 2400 inillioenen Francs; ·-- dat die lasten toen _.
schier alleen door den 'Fiers worden gedragen; ­- dat het loon van den "
j Fabrijkarbeider in doorsnee van 3.51 op 630 £, en van den daglooner ten
l platten lande van 157 tot 300 .8 gestegen is; - dat voedsel en kleeding
i goedkooper zijn; - dat de helling der belastingen oneindig meer bezwa­ ,».
rend voor den burger en boer was dan thans; - dat het regtswezen j
erbarinelijk, het onderwijs in ellendigen toestand was; -­- dat de voor-
uitgang in kennis, zedelijkheid, godsdienstigheid, sedert 1789 alleraan-
inerkelijkst is. -- Ik trek daaruit het besluit, dat de liberale begrip-
pen, hoe onvolkomea toegepast, hoe vermengd met radilrale hersen-
se/iimmen en imperialistische lieriimeringen, ook voor Franlcrgk eene
bron van welvaart en volksgeluk geworden zgn.
Zie hierover het epoque-niakende werk van ii. von svene. Geschichte
der Revo/vlionszeil, von 1789-1795; ll B. Einleitung.
E
. ­ · __ r