HomeBrieven aan een oud-GaribaldiaanPagina 11

JPEG (Deze pagina), 1.03 MB

TIFF (Deze pagina), 7.51 MB

PDF (Volledig document), 20.07 MB

!
1
_ 9
De voorstelling, die de Duitsche Keizer zich van een Gothische
_ kathedraal maakt is zeker niet minder potsierl.ijk dan die welke Mrs.
Todgers zich vormde van een houten been. Laat mij echter haastiglijk
_ erkennen, dat het volstrekt niet onwaarschijnlijk is, dat de Pruisen
werkelijk voornemens zijn, de mooiste gebouwen op te richten, waartoe
` hun genie in staat is. Eenmaal de heiligschonnis hebbende gepleegd
j van zulke meesterwerken neer te halen, zijn zij allicht ook heilig-
' schonnend genoeg, er andere van hun eigen niaaksel voor in de plaats
. te zetten. Ook wil ik aannemen, dat de Pruisen, als hun poging,
4 Parijs in te nemen eens gelukt ware, niet alwat hun dan in handen
. zou zijn gevallen, met den grond zouden hebben gelijk gemaakt. Ik
` ga zoover van te gelooven dat zij de Venus van Milo bijvoorbeeld niet
‘ . zouden hebben stukgeslagen. Maar-zij zouden haar hoogstwaar-
· i schijnlijk een paar nieuwe armen hebben aangezet, naar het ontwerp
· " van een veelbelovend Duitsch kunstenaar-of van den Keizer zelf
. _ misschien. En men kan er zeker van zijn, dat de armen op die wijze
j aangeplakt, er zouden uitzien als die van een vrouw aan de wasch-
tobbe. De vernielers van de Rheinischer dom zijn natuurlijk best
, in staat om, eenmaal baas in Italie, Giotto’s Toren tegen den grond
I te werpen. Toch is het meer waarschijnlijk, dat zij de grooter wan-
i _ _ daad zullen begaan van dien toren " af te werken." En als zij er een
Q spits op zetten, wat een pracht van een spits zou ’t niet zijn! VVat
een gelegenheid om een pracht domper op dien heerlijken, verheven
Christelijken kandelaar te plaatsen! Apropos, hebt, gij wel eens
een of meer Duitsche verklaringen van de Hamlet-figuur gelezen?
;_ Heb ik U verteld, dat Iieonardo’s haar, Daitsell haar moet zijn geweest,
l' om dat zoovelen zijner tijdgenooten zeggen, dat het zulk mooi haar
!. was ? Dit is wat ik noem tweede-rangsch. Al de drukte, die de Duit-
3 schers maken over de Engelsche koloniën berust op half-begrijpen
j van iets wat eens, in de oude dagen, iets heldhaftigs was, maar ml
, grootendeels laag-bij-den­grond, Droogstoppel-achtig. De droom van
! den Duitschen Keizer van een zeemacht berust op een slechte copie
j van Nelson, op precies dezelfde manier als de verzen van Frederik
j ` den Groote van Voltaire waren afgekeken.
_ Maar het tweede punt is van nog veel meer gewicht; dat, zwak
als bedoelde opvatting meoitaliter is, zij zich des te sterker op materieel j
gebied doet gelden; zij staat klaar, zichzelve met geweld aan ons
e op te dringen en zal hierin slagen, als wij er niet voor oppassen. De
·‘! Pruisen hebben het nergens ver in gebracht, behalve in de kunst
. 3 i om zich door de duizenden hunner onderdanen te doen gehoorzamen.
1 Zij kunnen geen zwart-en-witte torens in Florence bouwen, maar wel
. · kunnen zij zwart-en-wit geschilderde grenspalen in de Elsasz uitzetten.
Q In hun diplomatie zijn ze zeer z eker tekort geschoten. Ik mag aannemen,
, · niet van overdrijving te worden beschuldigd, wanneer ik hun diplo-
matie een failure noem, waar zij het zicllzeleeii te wijten hebben, dat
E- ‘ zij den strijd hadden te beginnen met twee extra tegenstanders en
. ~ · minus één bondgenoot. Indien de Duitschers, instede van spionnen I
‘ l · uit te zenden om het Belgisch terrein te bestudeeren, eens spionnen i
_ .. hadden gebruikt voor het verkennen van den Belgischen volksaard,
misschien zou hun dan een week of wat heel hard werk zijn bespaard i
gebleven.
‘ ` (B 944-Gp. 5) ` A 3 !