HomeGrondslag en wezen der neutraliteitPagina 8

JPEG (Deze pagina), 795.60 KB

TIFF (Deze pagina), 8.00 MB

PDF (Volledig document), 21.66 MB

l 2
~
lk vraag niet, of deze voorstelling past in, of zelfs is overeen-
te brengen met die der Grondwet.
Evenmin onderzoek ik of, ware deze voorstelling juist, de
l regeering, die de handhaving der Grondwet bezworen heeft, niet ` j
geroepen zijn zou om de verlaging der Openbare School te ver- l
á hoeden en te keeren, in stede van er op te roemen. ' p
g Eindelijk laat ik onbesproken het grondwettelijk voorschrift:
j Het op<·nZm<zr onderwijs is een voorwerp van de aanhoudende zorg
; der regeering, met en benevens de vraag, of er eene uitlegkunde {
p bestaat, die deze bepaling leest, als stond er: voorwerp van de" ‘
aanhoudende zorg der regeering is de ontwrichting en ondermnning
l van het openbaar onderwijs.
p Dit alles bespreek ik niet, omdat de Openbare School uit twee- ,
O ledig oogpunt beschouwd, dus ook verdedigd worden kan.
Men kan haar in ’t oog vatten als uitvloeisel van, derhalve `
steunende op grondwettelijke verordening.
Het is klaar, dat, vervalt zoodanige verordening, ook zh, de e
Openbare School, daarmede vallen zou.
Men kan echter tevens de innerlijke doelmatigheid der Open-
j bare School op den voorgrond stellen. Alsdan, is haar bestaan
een, onder alle omstandigheden, blijvend volksbelang en ligt hare
noodzakelijkheid voor de hand.
Dit laatste nu is het standpunt, waarop ik thans mij plaats. Van- i
l daar, dat grondwettelijke teksten, hier en nu, mij onverschillig zijn.
Pleitbezorger der Openbare School, is `t mij te doen om
hare raadzaamheld, in het belang van godsdienst en zedelijkheid, l
aan te duiden, om haar te doen kennen als voertuig van ruimen
burgerzin, tegenover bekrompen kerkelijke uitsluitingszucht, als l
middel tot vestiging van vrijlreidszucht, tegenover kerkelijke aan- li
matiging, priesterlijken geloofsdwang en brandenden geloofshaat.
` Zoodanige rol kan aan de Openbare School dan slechts worden ’§~
toebedeeld, wanneer wij, rugwaarts, hare bestaansreden, dus grond- ll
l, slag, en, voorwaarts, het wezen der met haar samenhangende E
neutra.liteit, in oogenschouw nemen.
i Daartoe, ga ik thans over.
Dat de moderne Staat niet slechts het uitvloeisel van, maar i
gegrondvest is op onderlinge toenadering, welwillendheid, verdraag-
zaamheid zhner burgers, laat, met de stukken, zich bewijzen.
i
f
J s
1 E
(