HomeGrondslag en wezen der neutraliteitPagina 22

JPEG (Deze pagina), 765.95 KB

TIFF (Deze pagina), 8.05 MB

PDF (Volledig document), 21.66 MB


j.
s.
‘Y
ie
,,onderscheidene geloefsbelijdenissen bi_jzondere stralen zijn;
,,het is het Christendom boven kerkelijke afzondering,
j ,,gelijk het rnenschdorn is boven de onderscheidene volken
,,en ze allen enrvat; gelijk de wetenschap is boven alle
,,vormen en stelsels, waarin ieder, naar de matevan zijn
,,inzicht, de wetenschap zoekt te naderen of haar tracht "
i ,,uit te drukken.
|, ,,Het Christendom is niet gebleven binnen de Kerk; i
,,het is eene burgerlijke kracht geworden; de ziel onzer •
,,beschaving; een stroom die zich door alle aderen der
,,nraatscha.ppij heeft uitgestort. Het is deze invloed van het
Q ,,Ohristendom, die zich van zelven, de wet spreke ofzwijge, _
ä ,,in het volksonderwijs zal doen gevoelen?
De Openbare School keert zich niet tegen het godsdienstig
gevoel als zoodanig, wanneer men daaronder verstaat de onveor­_ V
waardelijke afhankelijkheid van hoeger macht, gepaard met den
daarvan onafscheidelijken eotnioed.
Dit gevoel behoort tot de kostelijkste bezittingen eens volks en
de Openbare School, trachtte zij het te ondermijnen ofte verzwak-
i= ken, ware in stede van een werktuig ten goede, zelve verwerpelijk.
[ Teen, in 1857, in onze eerste Sclioelwot, de neutraliteit van `
j ’t onderwijs, door Trreneaekis, werd geplaatst in het teekcn van
j een: ,,Ohristendom boven geleofsverdeeldheid", beoogde hij daarmede
»‘ haar te bezigen als tegenstelling tot een onderricht, dat, van
onverschillig welke belijdenis doortrekken, die belijdenis, straks, `
aan maatschappij of staatkunde ten grondslag leggen zal.
Hij beoogde niet, niet de Openbare School eenekweekplaats
‘ van ongodisterij in te voeren, en zou ook de benaming: ,,1nederne `
E secte­scheol" als lasterlijk, heoghartig, van de hand gewezen hebben. `
Wellicht wordt de roeping der Openbare School het best
j. gekemnerkt, wanneer men haar brengt in tegenstelling tot het
kerkelijkestreven, in zake onderwijs, voor welk streven slechts twee ‘
sprekende voorbeelden mogen aangevoerd worden.
i Het eerste is ontleend aan liet: ,,Manden1ent der Bisscheppen"
ten enzent, van 22 Juli 1868. Men leest daar:
' ,,In de scholen tot welke de kinderen van alle volks-
,,klassen toegang hebben, moet het godsdienstig onderricht
I
al
­