HomeBrief aan eenen kiezerPagina 30

JPEG (Deze pagina), 658.38 KB

TIFF (Deze pagina), 6.87 MB

PDF (Volledig document), 20.82 MB

, ‘ 28 j
erkenning kan worden te gomoel. gezien, dat hunne koloniale .
V, opvoeding, van die zijde verkregen, niet in allen opzigte vol- j`
ledig was noch niet de bestaande toestanden. strookte, veel
minder aan de wezenluke belangen van Indie en Nederland
beantwoordde. Tot zoo lang heeft ook de verdediging nigner- lt
zijds in de Kamer van eene staatkunde, die van de vroegere
ii staatkunde van den heer Mijer verschilt, en niet zoovele mil- jv
lioenen uit cultuur- en consignatie-stelsel beloott, weinig nut. i
lleeds hebben enkele dagbladen onlangs beweerd, dat de V
jg (elonverneur-Generaal Mijer zich buiten staat zoude verklaard g
hebben, de conservatieve beginselen, dat is dus zijne begin- i j
ig selen, in Indie toe te passen. De Minister van kolonien heeft
ff dit berigt tegengesproken en aan de waarheid der inededee- l
lingen van dien staatsman mag niet worden getwijfeld. Men i
zoude echter te ver gaan inet daaruit al te leiden. dat die
beginselen toegepast worden en op nieuw proelhoudend geble-
ll ken zijn. HQ, die naauwkeurig let op hetgene hier te lande
en in Indie door den heer Mijer als Minister en als Gouver-
neur-Generaal verrigt is, moet veeleer tot het besluit komen. i
dat die staatsdienaar, beter ingelicht door de ofliciele beschei-
den ol` door persoonlijke aanschouwing, reeds lang het door .
hem als algevaardigde verdedigde stelsel veroordeeld heeft en j
op dit oogenblik niets liever wenscht dan de hand te leenen
tl aan de ontwikkeling, die züne zesjarige oppositie en zijne theorie i
j der directe en indirecte voordeelen voor het moederland, tol
groote schade voor Nederland zoowel als voor Indie, hebben
nl tegengehouden.
gi Indien de heer Müer nog lang de verklaring terughoudl.,
waarvan de dagbladen hebben melding gemaakt, zouden, bij de
zachtmoedigste opvatting van zijn gedrag, zijne met al zijne parle-
inenlaire antecedenten strijdige handelingen, grond geven zijn door-
zigt en oordeel in twijfel le trekken ol` zijnen moed tot erkenning
ii l
tst i
j i
il l
j l

ii