HomeExcellentie! Het hoofdbestuur der Vereeniging Schuttevaêr wendde zich bij adres van den 23 November 1873 tot de Tweede Kamer derPagina 1

JPEG (Deze pagina), 604.33 KB

TIFF (Deze pagina), 3.80 MB

PDF (Volledig document), 4.86 MB

` .2° 0r,ë/ii
OPENBAB ,,5c
· Blhhlmuug l (
_ 1 ‘ellentie den Jllinister van
` Bpnnenlandsche Zaken.
t ‘ ...E~=eeZlen£ie.,’»·’
Het Hoofdbestuur der Vereeniging ,,Scbuttevaêr"
wendde zich adres van den 23 November 1873 tot
de Tweede Kamer der Staten-Generaal, omtrent de
stichting eener Vluehthaven voor de Zuiderzeescheep-
vaart te Hindeloopen en meent thans de vrijheid te
mogen nemen ook uwe Excellentie op de zelfde
zaak terug te komen. Meer en meer overtuigd, datde
stichting der door haar gevraagde haven noodza/rel:
is, doet het haar leed, dat een betrekkelük zoo n
kostbare zaak, tegenover zoo veel nut en zekere resul·
taten, reeds jaren op uitvoering wacht en daarom gaf
ze in haar genoemd adres te kennen: het kan zgn dat
mingunszfige rapporten, de uitvoering van dit werk in den
weg staat; maar die rapporten - zoo ze bestaan - getuigen
dan van geen of een zeer oppervlalckig onderzoek, van
geringe zeevaarzfkande en zijn bepaald in strijd met het
algemeen belang en met den we2·kelg'luen toestand der gele-
genheid voor dit doel.
Zoodanige voor het publiek onbekende rapporten
werken gewoonlijk, zonder dat de partij ze kan bestrij-
den: De zekerheid dat ze wez·kelg`/l: bestaan is der Ver-
eeniging thans bekend, en de bekendheid ook met den
inhoud daarvan vooral, gaf haar aanleiding zich tot
uwe Excellentie te wenden.
De vereeniging namelijk wendde zich in dit jaar tot
de Staten van Friesland met het verzoek voor de
stichting te Hindeloopen eener Vluchthaven, hunne
adhaesie te willen betuigen de Hooge Regering;
deze meenden op het tegenwoordig standpunt die ad-
haesie niet te moeten verleenen, en bij het besluit des
betreffende lagen ten grondslag de afkeurende rappor-
ten, uitgebracht door den Hoofd-Ingenieur van het 2de
district woonachtig te Leeuwarden.
De vereenigingo dan draagt kennis van den inhoud
dier rapporten, en het is haar daaruit nu gebleken,
dat de zaak van dien kant steeds is tegengewerkt; zij
treedt niet in beschouwingen waarom die tegenwerking
plaats had, maar ze zou hare roeping met begrijpen;
·’ vlgggïiii 3 `
fgdr § gi
ïè ‘ï‘·=‘ fix,) ­