HomeDe auteurswet en de Berner ConventiePagina 27

JPEG (Deze pagina), 418.15 KB

TIFF (Deze pagina), 3.41 MB

PDF (Volledig document), 38.82 MB

I I
I zr
I «.
I Duur van het Auteursrecht
I nen van den laatsten dag van het kalenderjaar
I (31 Dec), waarin de eerste uitgaaf van het I
I werk door of vanwege den rechthebbende I
heeft plaats gehad, en wel ten opzichte van 1
I die talen, waarin niet door den maker of
I met diens toestemming eene vertaling van
I dat werk uitgegeven is in een der Staten -
I aangesloten aan de B.-C. (Art. gg, re lid),
’ Voor het uitsluitend recht om in het open-
I haar voordrachten te houden of voorstellingen,
I op- of uitvoeringen van eenig werk te geven
I in eene andere taal dan die van het oorspron-
‘ I kelijke, geldt gelijke termijn (A rt. gg, ze lid).
‘ Ten opzichte van fotogralische, kinemato- -
I grafische en volgens gelijksoortige werkwijze ,
I vervaardigde werken geldt, voor den duur ‘
I van het auteursrecht de termijn van 50 jaar, y
I te rekenen van den laatsten dag van het I
I kalenderjaar (gr Dec), waarin de eerste open- I
I baarmaking van het werk heeft plaats gehad I
I door of vanwege den rechthebbende (A rt, 40). ;
I Voor de toepassing der hier aangehaalde
I artt. 38, gg en 40, worden werken in afle- II
I veringen verschenen geacht te zijn openbaar 'T
i gemaakt bij het verschijnen der laatste afle-
I vering, Ten aanzien van werken in verschil- ,I
I lende deelen, nummers of bladen, op ver-
I schillende tijdstippen verschenen, verslagen II
I en berichten, uitgegeven door genootschappen X
I of door particulieren, wordt elk deel, nummer
I enz, als een afzonderlijk werk aangemerkt I
I (Art, 41), II
+
I I
I;
I I