HomeDe auteurswet en de Berner ConventiePagina 25

JPEG (Deze pagina), 372.42 KB

TIFF (Deze pagina), 3.41 MB

PDF (Volledig document), 38.82 MB

l W
. 54. Cinematograüsche werken , zie: F 0 to- _
grafische werken (§ 79).
§ 55. Clichés , van welken aard ook , worden be- g
schouwd als verveelvoudiging, in den zin van {
A r t. 13. P
De maker van het cliché heeft daarop dus
wel auteursrecht, maar kan van dat recht
geen gebruik maken zoolang een ander het ·
ïruteufisrecht heeft oji het werk waarnaar het
cliché werd gemaakt.
Zie: Fotografische werken § .
79
I §56. Componist, zie: Maker (§ 121).
§ 57. Componiste, zie: G eh uw de v r o u w
(§ 82); Maker (§ 121).
§ 58. Concertdirecties , zie: M u zi e k w er k en
(§ 127); Qpenbare uitvoering (§149): ‘
Opvoeringsrecht (§I54>; Overdracht 1
ä§156)5 Portret 171); Programma’s 1
ä 1 75. · e
§ 59. Cura ao heeft eene afzonderlike regeling {
ç __ J ¤ ¤ j
van het auteursrecht , bij Kon. Besl. van 1 1 ;
Mei 188 5 , no. 40 , vastgesteld , en is niet q
aangesloten bij de B.-C. Q
§ 60. Datum van uitgaaf wordt het best vast- A
gesteld bij advertentie of aankondiging in de
boekenlijst van het ZViezm»sb/mi zum dm Boek- g
hands/.
§ 61. Deelen (van een boek- of muziekuitgaaf) ,
zie; D uur (§ 66), 7
62. Dienstbetrekking, zie; W e r k en in di e n s t l
van een ander verricht (§ 250). ,7
zi
S;
l
a