HomeDe auteurswet en de Berner ConventiePagina 13

JPEG (Deze pagina), 363.27 KB

TIFF (Deze pagina), 3.40 MB

PDF (Volledig document), 38.82 MB

7
Auteursrecht
te verveelvoudigen (wk in zwwzzzie falen),
behoudens de beperkingen, bij de Wet gesteld
(Art. 1). . `
Auteursrecht is eene roerende zaak (Art. 2. ~
re lid), d. w. z. dat het valt onder de bepa-
lingen daarvoor door de burgerlijke wet ge-
steld. .
Auteursrecht bestaat ten aanzien van:
10. boeken, brochures, nieuwsbladen, tijd-
schriften en alle andere geschriften;
20. tooneelwerken en dramatischanuzikale
werken;
30. mondelinge voordrachten;
4°. choregrafische werken en pantominies, .
welker wijze van opvoering bij geschrift of
anderszins is vastgesteld; l
50. rnuziekwerken met of zonder woorden; ,
60. teeken-, schilder-, bouw- en beeldhouw- ,
‘ werken. lithografieën, graveer­ en andere plaat-
werken:
70. aardrijkskundige kaarten;
­ 80. ontwerpen; schetsen en plastische
werken, betrekkelijk tot de bouwkunde, de l
aardrijkskunde. de plaatsbeschrijving of andere
wetenschappen ; Z
g°. fotografische en kineniatografische
werken en werken, volgens gelijksoortige
werkwijze vervaardigd; ,
100. werken van op nijverheid toegepaste
kunst;
" en in het algemeen op iedervoortbrengsel ,
op het gebied van letterkunde, wetenschap of