HomeDe aprilbewegingPagina 68

JPEG (Deze pagina), 809.92 KB

TIFF (Deze pagina), 6.60 MB

PDF (Volledig document), 124.97 MB

_. 63 _.
met artikel 165 en 169 der grondwet, had dienen vooraf te
gaan. behield zich echter voor, het antwoord op die
vraag nader te geven; - de Regering had hem anders met
zün eigen woorden kunnen weêrleggen, in den loop van
diezelfde rede geuit: dat namelijk een Gouvernement geen
regt heeft "”om jegens eenige gezindheid een jus in saam uit
te oefenen, om zich in te laten met een mzvendige organi-
satie, met het imuendig bestuur van die gezindheid ’.” lvant
het gold hier juist zulk een Wnwendige organisatie;" ­ geen
regten tegenover den Staat werden geëischt of verleend; ­
en van erkenning, anders dan van het ;%it der kerkregeling,
was geen sprake. ­ Van veel­meer gewigt was het grondwet-
tig bezwaar, dat tegen de handelwijze der Regering werd
ingcbragt. Het was ontleend aan artikel 165, dat aan alle
i kerkgenootschappen geZ@'/cc bescherming verzekert. Een af-
gevaardigde uit Utrecht 2 wees op "de kerkordening voor
de Hervormden," op de beperkingen, tijdens de invoering
van die kerkordening in het staatsbelang gemaakt; ­ hoe
b. v. iedere wijziging in de begrenzing en jurisdictie, hetzij
van kerkelijke besturen, hetzij van kerkelijke gemeenten,
toen aan ’s Konings goedkeuring was voorbehouden. Hij
deed opmerken, dat diezelfde Regering thans, nu het een
ander kerkgenootschap gold, tot een soortgelijke handel-
whze verpligt was. De Regering antwoordde, dat die be-
perkende voorwaarden, waaraan de organisatie van het Her-
vormde kerkgenootschap gebonden was, een noodwendig
gevolg waren van den weg, dien men had ingeslagen. In
plaats van een constituante te benoemen, had men de her-
ziening van het kerkelük reglement aan de synode overge-
laten, en deze was - ingevolge een bepaling in het oude
reglement - verpligt geweest, op haar werk de goedkeuring
des Konings te vragen. Dit argument, van groote zwak·
heid niet vrü te pleiten, werd ontzenuwd door een afge-
vaardigde uit Gouda 3. Hij gaf toe, dat ingevolge die bepa-
ling des Konings goedkeuring misschien was vereischt gewor-
den; maar geen goedkeuring onder beperkende voorwaarden ,
die in strüd waren met de grondwet, welke scheiding van Kerk
j en Staat wil, en nu met de letter van artikel 165 in open-
bare tegenspraak. De Regering bleef het antwoord schul-
j 1 Handelingen enz., Dl. I, p. 237.
9 De heer van Doorn. 3 De hoer Metman.