HomeDe aprilbewegingPagina 62

JPEG (Deze pagina), 797.57 KB

TIFF (Deze pagina), 6.58 MB

PDF (Volledig document), 124.97 MB

il
l
1
l
j . - 57 -
vertoont, en hare titels tegen over den Staat zou willen la-
j ten gelden, dan wordt het anders. Dan is het tüd, dat de
j Staat zorge, het land voor schade te behoeden 1." Dat is
l buiten eenigen twijfel zeer gematigd. Leest men echter ze-
j ven bladzüden verder, wat vindt men daar? "Laat het
niet, indien gn het verhinderen kunt, komen tot de ont-
wikkeling van het Romanisme door de bisschoppeläke hier-
archie, welke hare noodzakelüke vrucht, kettervervolging,
met zich brengt?
`Wij meenen, dat er na al het aangevoerde omtrent het
j doel der beweging, omtrent het doel van het groote meerm-
deel der adressen en der adressanten althans, geen twijfel
meer kan overblnven. Zelfs de heer Groen was in de Tweede
j Kamer tot de erkentenis gedwongen: "Het kan zijn" ­ een
antirevolutionaire eigenaardigheid - "dat een groot deel der
onderteekenaars gemeend heeft dat volgens de Grondwet de
bisschoppen konden worden geweerd 2.” WVij­voor­ons zou-
den het echter betwijfelen, of het groote meerendeel der
j adressanten zich juist zoo volkomen binnen de palen der
‘ J grondwet heeft willen houden. W`ij­voor­ons zouden mee-
nen, dat er, in den regel, weinig aan de grondwet is ge-
dacht. WVü­voor­ons vinden de eenig­natuurlijke verklaring
deze: dat het godsdienstig gevoel der groote menigte, een-
maal opgewekt en geprikkeld, ivistinetmatig bevrediging heeft
_ gezocht in wering der bisschoppen. lL[aar gesteld eens, we
j' willen aannemen, dat men alom en algemeen gehandeld heeft
jl lait oeerzïuiging dat de bisschoppen rolgens de grondwet konden
geweerd worden. Dubbehzwaar zou in dat geval de schuld
X van diegenen zijn , die der menigte zulke onware voorstellingen
·# hadden diets gemaakt.
Overigens mag het niet onopgemerkt blüven, dat aan het
hoofdorgaan der antipapisten treffende bewijzen zijn te ontlee-
nen, hoe weinig men eigenlijk bij magte was om de ongrond-
wettigheid van de kerkregeling der Roomsch-katholieken uit
de grondwet­zelve aan te toonen. Het blad moest b. v. erken-
nen: "de grondwet waarborgt ons bij de vrijheid van ’t gewe-
ten en bij de vrijheid van godsdienstoefening binnen de muren
onzer kerkgebouwen. Ook gcg’t aan de omlerscïzcidenc gods-
dienstige gesizul/ieclm het rcgt om, als gl37ZOOIiSCdCQ)Z)€72. sic/z zeg te
K J. J. Doedcs, De allocutie van paus Pius IX (bij Kemink en Zoon), p. 29.
9 Bijblad der buitengewone zitting van 1853, p. 332.