HomeDe aprilbewegingPagina 51

JPEG (Deze pagina), 822.83 KB

TIFF (Deze pagina), 6.71 MB

PDF (Volledig document), 124.97 MB

fill: K
J a
g ll
t Cl
~­ 46 -
I '·§
’ , rendeel der Protestanten wilde van geen regt der Roomseh-
” katholieken op een bissohoppelnk kerkbestuur iets weten.
1 Het groote meerendeel der Protestanten vroeg, in naam van
j ‘ het Protestantsche Nederland, in naam van het bloed der
j martelaren, in naam der gewetensvrijheid, wering der bis-
j schoppen van den Nederlandschen bodem.
f Dit was trouwens niet anders te verwachten. Sommige
drijvers hebben de schuld van de hartstogtelijkheid, waarmeê `
l vooral l1et Protestantsche volk zich tegen de uitoefening van j
verkregen regten heeft aangekant, op de “onverantwoordelüke i
Q nalatigheid" van het vorig Bewind pogen te werpen. Er is
i beweerd, dat de Nederlandsche Protestanten het herstel der
Roomsch-katholieke bisdommen, ofschoon met leedgevoel, ‘
toch rustig zouden hebben aangezien, wanneer de Regering
M maar intijds voor de handhaving der oppermagt van den
i Staat tegen nltramontaansche aanmatigingen had gewaakt.
De bewering is onwaar. hlen denke terug aan 1841. In plaats
j van vier bisschoppen, toen slechts één. De benoeming der
,. bisschoppen toen toegekend, niet aan den paus, maar aan
de Nederlandsche geestelijkheid; ­ en den Koning het regt
­ voorbehouden om de benoeming van personen, die hem niet
welgevallig waren, nietig te verklaren. De bisschoppen toen
e verpligt om een eed van trouw aan den Koning te doen.
j En 1nen bedenke dat, naar het oordeel der drüvers van 1853,
H de grondwet in 1841 evenveel vrij liet als in 1853. Men zou
dus meenen, dat de kerkregeling der Roomsch-katholieken ,
tg in 1841 door het Protestantsche deel der natie niet was be-
j lemmerd. l4en zou 1neenen, dat althans de meer­beschaaf`den A
, en ontwikkelden toen het hunne hadden gedaan, om het regts­ `
gevoel der volksmenigte op te wekken. Het tegendeel is
gi Waar. Een stroom van vlugsohriften overdekte in weinig ‘
tijds het land, allen bestemd om de hartstogten meer en g
V meer op te wekken. 1/Vil men proeven? Een man wien het '
il onmiskenbaar niet aan kunde ontbrak, wierp zeer behen­ i
Q dig de vraag op: "Zoo al de Roomsehen beweren, naar de §?
inrigting hunner Kerk bisschoppen te behoeven, wh vragen:
, _ hoe zg dan eeuwen lang, ook na de herkrnging hunner vrij-
heden in 1795, hunne Godsdienst zonder Bisschoppen hebben
il waargenomen? "’ Men verstond ook in 1841 de kunst reeds
al 1 Het concordaat (bij Joh. Müller), p. 18 en 19.
l
is .
ll i
hp _g_ .