HomeDe aprilbewegingPagina 50

JPEG (Deze pagina), 845.22 KB

TIFF (Deze pagina), 6.71 MB

PDF (Volledig document), 124.97 MB

i

á I
-­· 45 - 4
gebeurlijke erkenning van de kerkregeling der Roomsch-
katholieken moest verbinden. Meii begeerde dus onmis-
j kenbaar "regt voor allen ;" ­ men bedoelde geen veronge-
j lijking der Rooinselrkatholieken; ­ en toch, tegen wil en
ij dank, werd men tot het doen van een ongrondwettigen eisch
gedreven. In de nieuwe regeling van het kerkbestuur der
i Ro0msch­katholieken kwam niets voor, waardoor de regten
j en vrijheden van andere kerkgenootsohappen wezenlgk en
. feitelük werden gekrenkt. De Regering was dus, op het
i standpunt der adressanten­zelve, niet bevoegd om de invoe-
ring der bisschoppelijke hierarchie geheel of gedeeltelijk te
beletten. En niettemin kenden ze, in strijd met hun begin-
sel, aan de Regering die bevoegdheid toe. Een kerkgenoot-
schap komt, uit den aard der zaak, gedurig in aanraking
met den Staat. Kent 1nen nu aan het kerkgenootschap het
. regt toe om zün inwendige organisatie naar verkiezing te
regelen; - maar geeft tegelijk aan de Regering het regt om
c alle geregelde betrekkingen met zulk een kerkgenootschap
af te breken, 00k al blgfzf de nicmve orgcmiscttie bimzzm de per-
lcevz dar szfaatsaettm, tot-zoolang ze volkomen naar het goedvin-
l den van den Staat is ingerigt; ­ men heft dan feitelg/c het i
U j regt tot inwendige organisatie op. Men geeft den Staat een
_ overmagt, waarvan hij een gevaarlijk misbruik kan maken.
De heer van Hall heeft de proef op de som geleverd.
T verklaarde, aan het Rooinsch­katholieke kerkgenootschap van
staatswege geen gelden te zullen uitbetalen, vóór het bisschop-
I pelijk bestuur zich aan een terugwerkende wet onderwor-
pen had ‘. handelde in overeenstemming met den wenseh,
in die meer-gematigde adressen uitgedrukt.
i` En toch, inweêrwil van hun gevaarlijke, verderfelüke
­ strekking, verdienen deze laatsten den lof, dien we er aan toe-
J zwaaiden. De adressanten zagen blijkbaar zelven niet in, welk
j een ver-uitziende strekking hun verzoekschriften hadden. Ze i
wilden zich-zelven vrnwaren tegen gevreesd onregt, maar A
t poogden dat te doen met erkenning, zoo als ze meenden, van de
regten der Roomselnkatholieken. Het groote meerendeel der
T Protestanten wilde veel-verder gaan dan Het groote inee-
‘ Handelingen van de Regering en de Staten-Generaal over de grondwets-
' bepalingen nopens de godsdienst, Dl. II, p. 3.31 en 352.- Ik zal naar deze,
met zorg bewerkte, verzameling meestal verwijzen, omdat ze waarschijnlijk
~ meenalgcmeen in handen is dan het Bijblad.
‘:i
i ,3