HomeDe aprilbewegingPagina 28

JPEG (Deze pagina), 843.27 KB

TIFF (Deze pagina), 6.67 MB

PDF (Volledig document), 124.97 MB

I f
j I
` - 23 -- j
Ik weet wel, dat een nieuw lid der Tweede Kamer, die j
j aan de beweging zijn lidmaatschap dankt ’ - zeker uit alle-
· zins­prijzenswaardige erkentelijkheid - heeft gezegd, dat ze i
i werkelijk een mouveinent spontane is geweest. hïaar ik kan
I dat alleen met zeker voorbehoud toestemmen. Dat verreweg
het grootste aantal der adressanten, reeds van nature met j
afkeer tegen bisschoppen bezield, "onder den indruk der j
pauselijke alloeutie 2," geheel vrijwillig en te goeder trouw {
j zijn naam aan de beweging heeft geleend, geef ik gaarne
j toe. Ook van het meerendeel der predikanten wil ik dat
j aannemen, ofschoon ongetwijfeld bij velen hunner - zij ’t dan I
j ook onbewust - weêrzin en wantrouwen tegen Thorbecke de
‘ groote drgfveêr is geweest. Maa1‘ de vraag is en blüftz Zün de
drgeers, de eerste cicinleggers der beweging door zuiver­evange-
j lischen ijver bezield geweest? Is het bij de eerste cicwzleggers der
beweging iets anders geweest dan een verbond van kerkelijke
j onverdraagzaamheid met politieken haat, dan een vereenigde
j kampstrijd tegen twee doodvüanden? En zoolang ik die vraag
j · - op grond van het in de vorige bladzijden ontwikkelde -
l met neen moet blijven beantwoorden, zóólang bl§f ik aan de
l beweging het ka.rakter der spontaneïteit ontzeggen.
j Ook nog om een andere reden moet ik dat doen. Yvan-
l neer ik mijzelven de vraag doe: Zou die spontane beweging
j wel ontstaan zgn, als Utrecht niet was voorgegaan en door
j heel het land z§n circulaires had rondgezonden? luidt -­- op
grond, dat geen enkel verschijnsel van dien aard zich vóór
den 3()Si°“ van Lentemaand elders vertoond heeft - mijn
j antwoord ontkennend. Maar ik wil het tegendeel eens voor
j een oogenblik aannemen. Dan nog hoop ik m§ne lezers te
" bewijzen, dat er opwinding der gemoederen heeft plaats ge-
l had, en dat de beweging dus niet zóó spontaan geweest is, of
l men achtte het nog noodig, door allerlei eenzijdige en onware
voorstellingen - die men, door vrees en partijzucht verblind,
l meerendeels zelf, ik geloof het gaarne, te goeder trouw voor l
l juist hield -- de hartstogten aan te vuren. .... Doch wat zeg ik?
j Neen, waarlijk, ik hoop het niet; ­ het is tegen mnn wil, dat ik
me in die droeve noodzakelijkheid gebragt zie. Ik zal moeten
? herinneren aan dat tal van vlugschriften en pamphletten, waar-
ï onder de drukpers in April heeft gezwoegd, en wier herlezing j
° den Protestant nog steeds een blos van schaamte naar het aan-
I De heer Hoekwater. E In de <:ii·eulaire, t. a. p.
ä
L
' l