HomeDe aprilbewegingPagina 159

JPEG (Deze pagina), 824.63 KB

TIFF (Deze pagina), 6.64 MB

PDF (Volledig document), 124.97 MB

p fj`;
­ 152 ­ ä
met bitterheid aan den hoon die over hun Kerk en over hun E
personen is uitgestort; ­ aan de benadeeling die men ter
fx wille van hun godsdienst hun stelselmatig heeft doen onder- ;
vinden, ­ aan de hatelüke gelegenheidswet waarmeê ­ in schun
althans ­ het staatsgezag aan het onstuimig verzet tegen, 3
hun wettig kerkbestuur de kroon kwam opzetten. En de I
Protestanten? Men behoeft hun dag- en weekbladen maar. i
in te zien, om tot de overtuiging te komen dat de halve ç
Qi maatregelen, door het Aprilministerie ter hunner bevredi­ è
IJ ging genomen, niets anders hebben uitgewerkt, dan dat {
hun wrevel en misnoegen nog hooger-geklommen is. Hun
lj taal wordt dagelüks stouter, hun houding dagelgks dreigen- _
ii der. Ze eischen het lang­onthouden loon van hunnen arbeid. .
Ze eischen dat de volkswaan ­ helaas! niet van den dag ­ `
bij waarvoor eenmaal het hoogste staatsgezag eerbiedig zich
_ boog, nu door de Regering ook in haar daden zal worden
, E geëerbiedigd. f
j Wat zal het einde zün? VVe bevinden ons op ee11 hel- Q
lend vlak. Zal het staatsgezag, dat zich ter kwader ure ver- ,
V nederde tot werktuig eener kerkeläke beweging, bu magte l
i zün om naar willekeur die beweging in haar vaart te stui­ j
ten? Of gaan we - met of zonder verandering van perso- Q
nen ­ een ultra­protestantsch ministerie, en dientengevolge
op politiek terrein volledige reactie in antipapistischen zin l
"jj te gemoet? Ik vrees. Kerkelijke onverdraagzaamheid is met j j
één enkele concessie niet tevreden; ­ haar eischen worden
· steeds-stouter, wanneer men haar eenmaal voet heeft gege- j
ven. De dwazen, die in vermetel zelfvertrouwen meen- j
li, den haar te kunnen bezweren, als ze voor hun oog-
merken had uitgediendl Ze zün gelijk aan den famulus
il van den toovenaar, die in het bezit van het verboden boek f
` kwam en een geest opriep. Gehoorzaam deed de geest, 1
wat de famulus hem beval; - liü haalde water met een em- F
mer in iedere hand, Maar éénmaal begonnen, verkoos hg
niet meer op te houden. WVanhop1g schreeuwt de famulus,
slaat naar hem, houwt hem in tweeën. . ..... . Ziel twee j
` waterdragende geesten zijn aan l1et werk, en het huis zal_ i
ï door een zondvloed worden weggespoeld ‘.
‘ Ontleend aan Th. Carlyle, de Fransche Omwenteling, dl. III, p. 133.
i ¤
lj 1
.