HomeDe aprilbewegingPagina 158

JPEG (Deze pagina), 772.80 KB

TIFF (Deze pagina), 6.65 MB

PDF (Volledig document), 124.97 MB

nl
|
q -- 151 -­
I
j lieken geen “eigenrnagtige vernietiging van een bestaand
I kerkgenootschap "’ was, om de eenvoudige reden dat het
I kerkgenootschap der Klerezie in die regeling niet was be-
l grepen. Het staatsgezag zou zich in zuiver-kerkelüke ge-
l schillen hebben gemengd, wanneer het aan den onredelüken
eisch der Klerezie gehoor had gegeven, en haar eigen bis-
schoppen officieel erkend, maar tegelükertüd de erkenning
, der nieuw-benoemde bisschoppen in Rome’s Kerk gewei-
ï gerd. Het staatsgezag kon billükerwüze niets anders doen,
i dan het gedaan heeft; - het verbod opheffen dat omstreeks
. het jaar 1826 - waarschijnlnk door Capaccini’s invloed ­
H was uitgevaardigd, en haar hoofden - bü het tractement,
i dat hun in dienzelfden tüd was toegekend - nu ook de
vrgheid geven om hun titels: aartsbisschop van Utrecht,
H bisschop van Haarlem en bisschop van Deventer openlnk
en officieel te voeren. Onmiddellnk na de aanneming der
wet op de kerkgenootschappen is dat, op verzoek der Kle-
rezie, geschied, en een vrüheid, die deze sints 1848 jizi- ­
‘ telg/c bezat, vormelyk erkend. Het verzoek om die titels
"officieel te erkennen” is ingewilligd, en daarmeê aan het-
l geen "een onmisbaar vereischte voor het bestaan der Kle-
rezy 2" werd gerekend, voldaan. Maar het regt van het
li Roonisch-katholieke kerkgenootschap om aan zijn hoofden
diezelfde titels toe te kennen is, tegenover den uitdrukke-
li lijken eisch der Klerezie, gehandhaafd.
·· lVat zouden bekommerde adressanten toch bij de April- »
beweging hebben gewonnen, behalve een -- Aprilministerie?
{.

§ Inmiddels zün we aan den rand van een afgrond gebragt.
. De hartstogten blijven voortwoeden. De klove tusschen
i Roomsch en onroomsch gaapt wijder dan ooit te vore11. Het
vuur van den godsdiensthaat blhft 1net onbedwongen heftig-
~ heid opvlammen. De zonen van hetzelfde vaderland gaan ‘
. voort, zich in twee vijandelijke legerkampen af te scheiden.
Uit de woorden die gesproken, uit de bladen die gesehre­ "
ven, uit de handelingen die gepleegd worden, ­ uit alles is
l het te zien. De Roomsch-katholieken herdenken nog-steeds
' Adres de1· Oud­bisschoppelijke Klerezy, p. 4 en Q.
2 Idem, p. 5.