HomeDe cassatie-regtspleging in Frankrijk en eldersPagina 78

JPEG (Deze pagina), 700.79 KB

TIFF (Deze pagina), 6.85 MB

PDF (Volledig document), 70.31 MB

'*"’¥ ,,,,__,_,_________,_,_,_,____,_r___,_, _,_,__à W/_, 1
l
_-_ °°°- I I

A gemeenschappelijk niet de Kamers der Pairs en der Ver-
tegenwoordigers worden uitgeoefend (art. 15). `
Hoe strookte met deze grondwettige bepaling het Napo-
leontischc: Zürzterpréáazfien est clomzée dame Za forme des
rêglemetzts clüzclméniszfmáiorz prtblégtte? (1)
En tocl1 hield het veertien jaren aan eer dit wettelijk
' werd ter zijde gesteld, ofschoon reeds in November 1814
) de Kamer der afgevaardigden , waaraan zich de Pairs aan- I
. sloten, er op aangedrongen had, dat de authentieke inter- 1
pretatie onder den constitutionelcn vorm wierd gebragt. K
De wet van 30 Julij 1828 schafte die van 16 September
(1) Tnmsiê (pag. S4) houdt dezen weg der authentieke wetsuitlegging
i voor vereenighaar niet de Charte, en is daarvan zoo zeer overtuigd, dat _§
hij zegt: Ia loi (du 16 Sept. 1807) tumba sous les coups multipliës d’zme U
t imprudente opposition. 5
Te reet maakt hi' er wel on indachtig, dat de uitlegging van eene a
e J 1 e te e )
wet beter geschiedt door den Koning, welke de wet voorstelt en be- l,
kraehtigt, door tusschenkomst van zijnen raad, die den inhoud der wetten i
beter verstaat, dan de aan gedurige wisseling van personen onderworpene l
' kamers; dat men vruchteloos aan een wetgevend ligehaam vraagt, welke _'
V gedachten zijne leden vóór 20 of 30 jaren, bü de uitvaardiging van §
h eene wet, gehad hebben. Maar de overweging van de gepastlieid mag
§ niet tot miskenning van het constitutioneel beginsel voeren, dat de Koning {
niet alleen de wetgevende magt mag uitoefenen. Authentieke uitlegging i
mag alleen de wetgever geven.
On am veut pas que Ze Rei jugc, zegt Tixnná, mais Ze pouvoir Zégislatif
peut-il jager? Authentiek uitleggen is geen regt spreken. Niet alleen
omdat door art. 2 der wet van 1807, in den sfeer der 1·egtsbedee­
ling, maar omdat in de bevoegdheid van de wetgevende magt ingegrepen
werd, moest het vallen.
Vllat moet er van het aan cassatie onderworpen geding worden, vraagt
Tnnmä verder, wanneer de Kamers geene beslissing geven, wanneer zü
· zich over de uitlegging der wet niet vereenigen kunnen? Uit deze geheel
` , gegronde bedenking volgt noodwendig, dat het denkbeeld van een Hof
[ van cassatie in eenen eonstitutionelen Staat niet uitvoerbaar is. Ten ge-
valle van het behoud van een Hof van cassatie, mogen geene constitu-
l tionele beginselen geschonden worden.

r

s"
Y
Y PA al Y g ·_¥ór In ______ _ ,,i l”' W ,,f hg