HomeDe cassatie-regtspleging in Frankrijk en eldersPagina 54

JPEG (Deze pagina), 653.45 KB

TIFF (Deze pagina), 6.74 MB

PDF (Volledig document), 70.31 MB

ä/1
· sl
I
i
­­­ 40 ­­­ l
l
zoo zorgvuldig ook moet deszelis onafhankelijkheid van
elke andere magt, buite11 deze, gewaarborgd worden. lllil
, de wetgevende magt zich in de regtspleging mengen, zoo
i moet het zelve doen, moet zij het niet overlaten aan een I
naast haar staand ligehaam, waarbij, zoo min als bij den ­
regter, een spoor van wetgevend gezag kan aanwezig zijn,
die ook niet de geringste mate daarvan, de authentieke
interpretatie, uitoefenen mag, en veeleer de regtszaken te dien
einde aan het wetgevend ligehaam moet voorleggen (art.
20 der wet van 27 November 1790). lllannecr een consti-
tutioneel Koning een vonnis vernietigt, zoo vindt men
daarin te regt eene aanranding van de onafhankelijkheid des
regters; en toch maakt de Koning een deel der wetgevende
magt uit. Vóór de omwenteling inogt alleen hij, die met de
wetgevende magt bekleed was, in de regtspleging ingrij- I
pen; vm de omwenteling mag dit een gezag zonder eenige
i wetgevende magt en zonder de roeping zelfs van regter.
In welken d de geregtshoven nu onafhankelijker waren en
· hooger stonden, laat zich hieruit van zelf beantwoorden. i
Het is onbegrijpelijk,welken voorkeur een Hof van cas- _
_ satie ·boven eene regtbank van laatste instantie hebben zou, 1
wanneer het er op aankomt, om het aanzien der wet te
waarborgen en des regters willekeur te verhoeden. Wvelligt
omdat de regtbank van laatste instantie ook tot de regter-
lijke magt behoort? De Franschcn zagen voorbij, dat
niet meer met Parlementen te doen hadden, wier overmoed
in een opperste Parlement ook het toppunt bereiken kon.
‘ `Wat van een opperste geregtshof te duchten was, viel ten W
D minste even zoo zeer van een Hof van cassatie te vreezcn. llvie
moest de trouwe pligtsvervulling daarvan controleren? Het
heeft de praesumtie der onfeilbaarheid zoo min voor zich,
lt
jl?